Snel naar:
Vergelijkbare reizen:
Tell a friend
Zanskar Dibling: Van dag tot dag
Een opmerking vooraf
Het gaat hier om een avontuurlijke reis. Er zijn diverse factoren die onderweg onze reisplannen kunnen beïnvloeden, hoe goed de reis ook is voorbereid. Onderstaande reisbeschrijving geeft de hoofdlijnen van de reis weer. De reisleiding kan zich echter genoodzaakt zien om tijdens de reis verschuivingen in het geplande programma aan te brengen. Deze reis heeft een experimenteel karakter d.w.z. dat een aanzienlijk deel van de route door HT nog niet eerder is gelopen, namelijk dag 6 en 7 en dag 15 t/m 23. We kunnen daar dus allerlei obstakels tegenkomen die we op dit moment niet kunnen voorzien. Deze reis is voor mensen die dat geen bezwaar vinden en zich een echte ontdekkingsreiziger willen voelen. De route die ons voor ogen staat is uniek en hij wordt dan ook door geen enkele andere touroperator aangeboden. Onderstaande beschrijving is deels slechts een globale aanduiding van de route en de dag tot dag informatie kan dus voor die delen nog niet erg gedetailleerd zijn.
dag 1 vlucht Amsterdam naar Delhi
De vlucht van Amsterdam naar Delhi. We komen `s avonds laat aan en gaan van het internationale vliegveld naar het domestic vliegveld. Het heeft niet zoveel zin om naar een hotel te gaan omdat je waarschijnlijk toch niet langer dan twee uur op een bed zou kunnen liggen. Neem daarom een matje mee zodat je het je wat gemakkelijk kunt maken in de vertrekhal van het domestic airport.
dag 2 vlucht Delhi-Leh
We checken ’s morgens in alle vroegte in voor de vlucht naar Leh. Je vliegt eerst over een stukje Indiaas laagland maar al snel maakt dat plaats voor de eerste heuvels oplopend naar de Himalaya. Dan vlieg je over talloze besneeuwde bergtoppen en droge dalen naar Ladakh. De landing is op 3500 meter, wat je direct nadat je uit het vliegtuig bent gestapt merkt aan je ademhaling. Bij de minste of geringste beweging ben je buiten adem en de wolken zijn niet alleen in de lucht maar ook in je hoofd. Dat betekent rustig aan doen. De taxi staat klaar en we worden afgeleverd bij ons overnachtingadres in een guesthouse vlakbij het centrum van Leh. De meeste zullen zin hebben om nog even wat te slapen zodat we ’s middags heel rustig beginnen aan een verkenning van het sfeervolle marktstadje Leh. Leh met z`n kruip door, sluip door achterstraatjes, was ooit een belangrijke halteplaats voor handelaren van en naar de zijderoute. De stad ligt vanaf de Indus rivier gerekend een beetje omhoog op de noordelijke helling van de Ladakh Range, op een hoogte van 3510 meter. Het heeft ongeveer 20.000 inwoners plus belangrijke contingenten militairen die toezien op de bewaking van de grenzen met Pakistan en China. Op de heuveltoppen rond Leh zijn in de loop van de tijd diverse paleizen en kloosters gebouwd, die als trotse politieke en theocratische burchten het landschap domineren.
dag 3 Leh acclimatiseren
We blijven het deze dag rustig aan doen, om aan de hoogte te wennen. Je kunt op eigen gelegenheid Leh en omgeving verkennen. Leh is de hoofdstad van Ladakh. Het lag vroeger op het kruispunt van karavanen, van de Zijderoute via Leh naar India en van Kashmir via Leh naar Tibet. Leh wordt gedomineerd door het 17e eeuwse voormalig winterpaleis van de koningen van Ladakh, dat ook te bezichtigen valt. Hogerop boven het paleis ligt de Tsemo tempel, waarin een groot beeld van Boeddha Maitreya staat, de Boeddha van de toekomst. Vlakbij Leh liggen op loopafstand het Samkar klooster (3560m) en de Shanti Stupa (3950m), beide zeker een bezoek waard. Je kunt ook de dag besteden met het bezoek van een aantal kloosters in de buurt van Leh. Naar het noordwesten vind je o.a. Likir, Alchi en Phyang. Naar het zuidoosten: Hemis, Tikse en het paleis van Shey. Zuidelijk, op de andere oever van de Indus kun je naar het paleis van Stok of het klooster van matho, dat wat verder weg ligt. Mogelijkheden te over dus….
dag 4 Leh festival in Dakthok
Deze reis is zo gepland dat je het festival kunt meemaken bij het klooster van Dakthok. Het ligt in een zijvallei in het zuidoosten en het is wat minder bekend.
Dak-Thok “Tsechu” is belangrijk festival dat gehouden wordt in de maanden juli of augustus en veel mensen komen er op af. Tsechu’s zijn festivals die worden gepland volgens de boeddhistische kalender en men viert de verdiensten van de grondlegger van het Tibetaans Boeddhisme: Padmasambava of Guru Rinpoche.
Dak Thok betekent in de taal van Ladakh "Zwarte Rots". Het is een kapelletje in de rotsen en onderdeel van het Takthok klooster. De tsechu’s worden gevierd met maskerdansen die worden uitgevoerd door monniken en leken. In de dansen worden verschillende aspecten van boze of vriendelijke goden uitgebeeld. Dit festival is heel belangrijk in Ladakh. Het is voor de aanwezigen alleen al een verdienste om toeschouwer te zijn en men krijgt onderwijs in het boeddhisme. Het zou zelfs bescherming bieden tegen het “Kwaad”. Tsechu’s zijn ook een plaats waar de lokale bevolking elkaar kan ontmoeten. Het is een groot feest waar mensen hun beste kleren voor aan trekken. Vaak is er ook een soort markt met veel vermaak omheen.
dag 5 Leh naar Phanjilla
Per jeep vertrekken we richting het startpunt van de trek. Over de weidse Ladakhi hoogvlakte rijden we westwaarts langs de Indus. We rijden langs het 1000 jaar oude klooster van Alchi en onderweg zien we de Zanskarrivier in de Indus stromen. Bij Khalsi verlaten we de hoofdweg en rijden naar het zuiden tot het plaatsje Phanjilla. Tot zover is alles bekend.
dag 6 en 7 start trek en in 2 dagen naar Photaksar
Dit eerste deel van deze trek is nieuw. De Indiërs zijn bezig met het aanleggen van een weg van hier tot aan Padum zodat de route over Hanupatta minder aantrekkelijk wordt voor wandelaars. Daarom is het voor HT aantrekkelijk te zorgen voor alternatieven, ook voor andere routes die we in dit gebied doen. Het eerste stuk loop je vrij vlak door een steeds nauwer wordende kloof die bij Sumdo ongelooflijke proporties aanneemt. Loodrechte rotswanden omvatten de samenloop van 2 rivieren. Hier slaan we een nieuwe weg in, waarschijnlijk beginnend met een stevige rivierdoorsteek. Ergens halverwege dit klovengebied slaan we ons kamp op. De volgende dag proberen we het prachtige uit leem opgetrokken dorp Photaksar te bereiken. We komen dan weer op een bekender stuk namelijk op de route van Padum naar Lamayuru. De hoogte waarop we verblijven, ligt nog steeds rond de 3500 meter zodat we nu al 7 dagen hebben kunnen wennen aan de ijle lucht. Dat is maar goed ook want de komende dagen gaat het flink op en neer met passen van rond de 5000 meter hoogte!
dag 8 naar Sengge La BC
Vanuit het kamp loopt het pad door een breed dal vrij snel omhoog naar het eerste pasje: de Bumikse La op ongeveer 4390 meter. Over uitgestrekte bergweiden waar veel van die grote himalayamarmotten hun waarschuwingskreet laten horen lopen we gestaag omhoog naar de voet van de Sengge La (de Leeuwenpas) die we morgen oversteken. Onderweg gaan de schoenen een paar keer uit om een rivier(tje) te doorwaden.
dag 9 naar Yulchung over de Sengge la 5000 meter
Een steile klim leidt je naar de 5000 meter hoge Sengge La. Dit is de eerste keer op deze hoogte op deze reis. Dat kost dan wel wat moeite. Het uitzicht hier is geweldig: de prachtige gelaagde rotswanden van het Zanskarmassief rijzen hier voor je op. Ertussenin diep uitgesneden dalen met hier en daar hele kleine stukjes intens groen van de akkertjes van de piepkleine gehuchten. In een daarvan, Yulchung, maken we kamp. Yulchung ligt alweer een flink stuk van de hoofdroute zodat je een hele goede indruk kunt krijgen van het oorspronkelijke leven hier.
dag 10 naar Nyerog
Van Yulchung volg je het zijriviertje van de grote Zanskar. Omdat het terrein net naast de rivier te steil is klim je door de ernaast gelegen hellingen naar een pasje: de Chuchokhuri La van 3970 meter. Daarna daal je steil af naar de diep in het dal stromende machtige Zanskarrivier. In de winter gebruiken de Zanskari deze rivier die dan bevroren is als route tussen Leh en Padum. Dat is de Chaddar-route die ook bij HT op het programma staat. Gelukkig is hier een brug want doorwaden zou onmogelijk zijn. We kamperen bij het zeer afgelegen dorpje Nyerog dat weer een paar honderd meter klimmen hoger ligt op de tegenover liggende wand. Er is hier een klein kloostertje.
dag 11 naar Lankat over de Tarti La
Meer dan 1200 meter stijgen is het naar de volgende pas: de Tarti La op 5000 meter. De paden zijn hier soms moeilijk voor paarden en dus is het handig dat onze lasten worden gedragen door dragers. Ongeveer 1000 meter lager komen we bij een mooie kampeerplek naast een klein stroompje. De plaats heet Lankat.
dag 12 naar Pidmo over de Pangat La en de Namtse La
Langs de rivier en contourend lopen we omlaag en dan weer omhoog. Het eerste pasje is een schouder van de berg tussen twee rivieren: de Pangat la op 3900 meter. Na een kleine daling stijgen we in een rustig tempo naar de tweede pas op deze dag: de Namtse la op 4430 meter hoog. Daarna dalen we af naar de grote en op deze plaats brede vallei van de Zanskar, naar Pidmu. Dat ligt op ongeveer 3450 meter hoogte. In deze vallei is men bezig een weg aan te leggen. Afhankelijk van hoever men al gekomen is huren we vanaf hier jeeps of we gaan morgen eerst nog een stuk lopen totdat we bij de weg zijn aangekomen.
dag 13 Padum
Vandaag komen we aan in Padum, de hoofdplaats van Zanskar.
dag 14 rustdag in Padum
In Padum wonen ongeveer 1500 mensen en het is nog steeds een soort dorp. Maar omdat hier een weg komt vanaf de bewoonde wereld (Leh, Srinagar) en er 3 valleien bij elkaar komen is dit wel een strategische plaats. De vallei is hier enorm en er is veel ruimte voor akkers waarop men vanwege het ruige klimaat maar een paar maanden per jaar gewassen kan telen. Voor ons is het de plaats waar we weer wat voorraden aan basale levensmiddelen kunnen inslaan.
dag 15 Mandra Ling
De weg naar Leh en Srinagar volgend, rijden we tot aan Mandraling ongeveer 40 km verderop. Het is het brede en voor deze contreien vruchtbare dal van de Doda, één van de twee hoofdrivieren die samen de Zanskar vormen. In Mandra Ling stappen we uit de jeep, truck of bus. Dit is het startpunt voor de grote onbekende doorsteek naar Dibling, Kanji en Lamayuru, dat 12 dagen gaans naar het noorden ligt. Misschien vinden we in Mandra Ling een lokale gids die de weg verder weet. Zo niet, dan zoeken we die zelf met behulp van gps en van te voren op Google Earth opgezochte “waypoints”.
dag 16 t/m 19 over de Ralakung La naar Dibling
Het eerste doel is Dibling, een dorpje ongeveer 50 kilometer verderop. We trekken 4 dagen daarvoor uit. Onderweg zijn er verschillende moeilijkheden te overwinnen. We moeten de Ralakung La (5180 meter) zien te vinden en rivieren zien over te steken. We hebben voldoende touw en karabiners mee om dit te kunnen doen. Als er over de Oma Chu met name geen bruggen liggen dan zal die rivier ons wel het meeste oponthoud geven. Het hele gebied is onbewoond op een klein klooster na dat net na de pas ligt. Of er inderdaad nog mensen wonen is iets dat we op deze tocht zullen ondervinden.
dag 20 Dibling
Als alles goed gaat hebben we een hele dag in Dibling om eens goed te kijken hoe de mensen hier kunnen leven.
dag 21 t/m 23 over de Lima Lursa La en de Kanji La naar Kanji-dorp
Er zijn 2 routes naar het noorden. De keuze zal mede afhangen van de ter plaatse verkregen informatie. Maar vooralsnog gaan we uit van de hoogste pas, de Lima Lursi La van 5030 meter, die het dichtst bij de hoge bergkammen van de Thorchuk en Chomothang ligt. We kamperen zo mogelijk bij de aftakking van de rivier die in het dal ligt die naar de Kanji La leidt. Nu komen we op een route die vroeger wel meer werd gedaan ook door HT. Deze route liep vanuit Kashmir via kanji naar Heniskot, dat aan de weg ligt van Leh naar Srinagar, de hoofdstad van Kashmir. De Kanji La is met 5250 meter hoogte geen makkelijke pas en de oversteek duurt gauw een 8 uur. De volgende dag is het nog maar 3 uur naar Kanji dorp waar we de middag dan hebben om te relaxen en de dorpelingen te ontmoeten.
dag 24 naar Heniskot en naar Uletokpo
Vanaf Kanji is het nog 2 uur lopen tot aan de weg. Hier staan jeeps op ons te wachten zodat we vrij snel de reis naar Leh kunnen beginnen. Onderweg steken we 2 passen over: de Namika La en de Fotu La. Vooral bij Lamayuru is het landschap ongelooflijk spectaculair met zwarte en gele bergwanden waar de smalle weg zich met moeite langs worstelt. We gaan overnachten in het “resort” Uletokpo.
dag 25 Leh vrije dag
Tussen Uletokpo en Leh zijn er nog een aantal klooster en ander bezienswaardigheden. We hebben daar vandaag mooi de tijd voor. We rijden langs Alchi waarvan een deel al meer dan 1000 jaar oud is. We zien aan de afbeeldingen in de fresco’s de invloeden van de Indiase schildermeesters. In een zijvallei kunnen we het klooster Likir bezoeken. Vooral de enorme met goed bedekte Boeddha trekt hier de aandacht.
dag 26 Leh
Vrij te besteden. Voorbereiden op de reis naar huis.
dag 27 vlucht Delhi naar Leh
Vandaag vliegen we terug naar Delhi. Gedurende de 1 uur durende vlucht glijden talloze toppen en besneeuwde bergkammen onder je door totdat de bergen plaatsmaken voor grote vlaktes. In Delhi gaan we naar een niet ver van het vliegveld gelegen hotel. Deelnemers die dat wensen kunnen op eigen gelegenheid een aantal hoogtepunten van Delhi bezoeken. Zij die de verzengende hitte dragelijk willen maken kunnen die dag in het hotel verblijven waar we een tweetal kamers voor de groep reserveren. `s Avonds vertrekken we naar de internationale luchthaven voor de nachtvlucht naar Nederland.
dag 28 Delhi-Amsterdam
Nachtvlucht met een vroege aankomst op Schiphol


















