Home Diashow's Brochure 2012 Contact Sitemap Mijn HT
DAGEN LOPEN ZWAARTE
35 26 4
VERTREK TERUG REISSOM
29 september 02 november € 3795,- **
** exclusief ticket
Tickets vanaf: € 865,-
Boek deze reis »

Snel naar:


Vergelijkbare reizen:


Tell a friend

Vertel door »

Deze pagina afdrukken Humla + Kailas: Van dag tot dag

Deze trekking is voor reizigers die Mount Kailas willen bezoeken maar toch niet eindeloos in een jeep hoeven te zitten. De trekking rond Mt. Kailas lopen duurt 3½ dag en is in deze reis een onderdeel van een trektocht van ongeveer 26 dagen.
De route voert je zowel heen als terug door een erg afgelegen vallei (heen en terug verschillend) in de uiterste noordwest hoek van Nepal in het district Humla. Ook het stuk van de grens met Nepal naar Mt. Kailas via het Manasarowar meer overbrug je voor het grootste deel wandelend. Alleen van de grens naar het stadje Taklakot en van Kailas terug naar de grens gebruiken we jeeps en/of een truck.

Op zich is het al een hele onderneming om in Simikot, hoofdplaatsje van Humla, te komen met voorraden voor de hele tocht. Alles moet per vliegtuig naar Simikot worden getransporteerd. Ook de voorraden, tenten, de Nepali staf, gidsen, kok en keukenhelpers worden ingevlogen.
Tussen Kathmandu en Nepalganj vliegen meestal wat grotere toestellen (± 50-persoons). Nepalganj heeft dan ook een mooie geasfalteerde landingsbaan.
Het stadje ligt in de Terai, is heet en er bestaat malariagevaar. Van hieruit vlieg je met een 16-persoons vliegtuigje in een krap uurtje naar Simikot. De landingsbaan hier is van gravel en nogal kort. De vlucht er naar toe is ongelooflijk spectaculair, zo over de Dailekh pas en tussen de donkere wanden van de Karnali vallei door.
Vanaf Simikot begint de trektocht. De heenweg loopt in 6 dagen door het prachtige groene dal van de Humla Karnali. De bevolking in de kleine dorpjes is hier gemengd hindoe en boeddhistisch en er zijn ook nog veel animistische rituelen. Eenmaal over de Nara La (pas) ben je in Tibet. Tibet is verscheurd in moderne Chinese invloeden terwijl ook het oorspronkelijk boeddhisme stand weet te houden.
We wandelen dan vanaf Taklakot in Tibet in 6 dagen via het Manasarowar meer naar Mt. Kailas. De 52 km lange rondgang rond deze heilige berg lopen we in 3 1/2 dag. (i.p.v. de bij de Boeddhisten of Hindoes gebruikelijke 2 of 3 dagen). De terugweg in Nepal lopen we door de zelden bezochte Limi-vallei. In deze vallei hebben de Chinezen geen invloed gehad en dus is hier nog zo’n oorspronkelijk stukje Tibetaans Boeddhisme blijven voortbestaan.

Op de meeste plekken zijn er geen lodges zodat je de meeste nachten in een tent zal slapen. Ook gaat er een kookploeg mee om ons van maaltijden te voorzien.

Een opmerking vooraf

Het gaat hier om een avontuurlijke reis. Er zijn diverse factoren die onderweg onze reisplannen kunnen beïnvloeden, hoe goed de reis ook is voorbereid. Onderstaande reisbeschrijving geeft de hoofdlijnen van de reis weer. De reisleiding kan zich echter genoodzaakt zien om tijdens de reis verschuivingen in het geplande programma aan te brengen.

dag 1 en 2 Amsterdam - Kathmandu 1250 meter

Deze dagen zijn gereserveerd voor een vlucht naar Kathmandu. Verschillende vluchtmogelijkheden vind je onder vliegtickets.

Het laatste uur van de vlucht naar Kathmandu heb je al kans op een prachtig uitzicht op de Himalaya. Het laatste stukje vlieg je over beboste kammen en rijstvelden de Kathmandu vallei binnen. Je landt op de luchthaven van Kathmandu en een uur later vind je jezelf in eens terug midden in de drukke chaos van Kathmandu.

dag 3 Kathmandu verblijf

Verblijf in Kathmandu zodat je deze stad en omgeving kunt verkennen. De Nepalese staf is al onderweg en treft in Simikot de laatste voorbereidingen voor deze gecompliceerde reis.

dag 4 Kathmandu - Nepalganj 250 meter

Vanuit Kathmandu vliegen we ’s middags in ongeveer 1½ uur naar het in de westelijke Terai gelegen Nepalganj. Het is er vlak en tropisch heet. De vluchten naar Simikot gaan altijd ’s morgens zodat we de nacht hier doorbrengen. We slapen in een van de betere hotels (maar stel je er niet teveel van voor!) in Nepalganj, dat vlak aan de grens met India ligt en ook zo`n atmosfeer ademt.

dag 5 Nepalganj - Simikot 2900 meter

De volgende ochtend vroeg moeten we ons melden op de kleine luchthaven van Nepalganj voor de vlucht naar Simikot, hoofdstadje van het Humla district. Het is altijd weer spannend of het weer de vlucht toelaat, of er wel voldoende toestellen voorhanden zijn etc. Vertraging is dus zeker mogelijk hier… Het is ongeveer 1 uur vliegen en je kunt bij helder weer al enkele hoge toppen zien van het Dolpo gebied en natuurlijk Saipal. Na aankomst in Simikot brengen we alles op orde voor de trek naar Kailas en Limi. Simikot ligt op een vlak stukje land hoog boven de rivier de Humla Karnali. Vanuit het dorp kijk je de diepe vallei in beneden je, maar ook omhoog tegen sneeuwtoppen. Je hebt direct al het idee dat je bijna aan het eind van de wereld bent.
De bevolking is gemengd hindoe en boeddhistisch. Er leven verschillende stammen dicht op elkaar. Verder staan er in Simikot overheidsgebouwen van politie, leger, ontwikkelingswerk enz. Simikot is immers het bestuurlijk centrum van Humla. In Simikot worden yaks of dzo`s gehuurd om de lasten te dragen. Onze Nepalese staff is al een paar dagen ter plaatse om een en ander te regelen.

dag 6 Simikot - Dharapuri 2380 meter

De eerste dagen van de trek volgen we de loop van de Humla Karnali, één van de Nepalese rivieren, die de Himalaya-keten doorsnijden van noord naar zuid. Na een korte klim hoog boven de Karnali (3280 meter) volgt een voor de eerste dag lange afdaling van ongeveer 800 meter tot aan de rivier. Het is hier warm en we kamperen op een hobbelig veldje zomaar ergens bij een dorpje en een zijriviertje waar je je heerlijk in kunt wassen.

dag 7 Dharapuri - Kermi 2800 meter

Deze dag lopen we door het relatief dichtbevolkte lage deel van de Humla Karnali. De rivier zelf is een kolkende watermassa die beneden je door het dal raast. Af en toe passeren we een dorpje en we zien tamelijk veel landbouwgrond. Het kamp is op een schoolplein bij het dorpje Kermi. Het is vandaar ongeveer een half uur lopen naar de bronnen. De warme bronnen van Kermi zijn een weldaad voor lichaam en geest. Uit een meterslange spleet in de rotsen stroomt kokend heet water. Het stort zich in kleine watervalletjes naar beneden, van poel naar poel, steeds koeler. Je kunt zo de temperatuur van het water, dat je het lekkerst vindt opzoeken.

dag 8 Kermi - Yanggar (of Yalbang) 2850 meter

De dorpjes zijn nu overwegend boeddhistisch met een bevolking van hoofdzakelijk Tibetaanse afkomst. Voordat we op de kampeerplaats bij Yanggar aankomen bezoeken we eerst het Namkha Khimlun klooster. De vallei van de Karnali heeft vrij steile wanden, maar toch hebben de mensen er vele landbouwveldjes ontgonnen. Naarmate we verder het dal omhooglopen worden de nederzettingen schaarser en het bos overvloediger. Soms ontmoetten we kuddes schapen en geiten die worden gebruikt om lasten tot wel 25 kg te dragen; voornamelijk rijst of zout. Vandaag hebben we ook een mooi uitzicht op de Saipal Himal van 7030 meter hoog!

dag 9 Yanggar - Torea (of Tumkot) 3380 meter

Bij Munchu was vroeger de Nepali grenspost. Van hier is het nog twee en een halve dag lopen naar de echte grens. We gaan nu echt stijgen en je merkt dat er minder zuurstof is. Langzaam maar zeker verandert ook het landschap naar kaler, stoffiger en onherbergzamer.

dag 10 Torea - Sipsip 4330 meter (of iets ervoor)

Nog weer een stapje dichterbij het Tibetaanse plateau, nog iets kaler, winderiger en kouder. We slapen vrij hoog vlak voor de pas. Voorheen was hier een checkpost van de maoïsten.

dag 11 Sipsip - grensoversteek - Taklakot

Voor de grens steken we een pas over van 4580 meter, de Nara Lagna, vanwaar je al een prachtig uitzicht hebt op het veelkleurige Tibetaanse plateau, de vallei van de Karnali en de groene gerstvelden van Sher. Naar rechts toe zie je de ruige vallei die we ingaan na terugkomst van de Kailas. De grens wordt hier gemarkeerd door een grote steen met Chinese inscriptie.
Natuurlijk zijn er talrijke grensbeambten aan de grensovergang die al onze documenten en deelnemerslijsten uitgebreid bestuderen. De jeeps en de truck vervoeren ons via het prachtige dorpje Khojarnath met een schitterend Tibetaans klooster (soms mogen we stoppen voor een kort bezoek) naar Taklakot. Dit stadje bestaat uit 3 delen: Tibetaans, Chinees en Nepalees.

dag 12 Taklakot `s morgens verblijf, `s middags vertrek richting het Manasarowar meer

Taklakot is een centrum van drukke handel tussen de diverse Tibetaanse stammen: Ngari en Drokpa’s en de Nepali uit Humla. Er wordt gehandeld in wol, zout, borax, hout, thee, kleren etc. Aan de douane en verschillende overheidsgebouwen kun je zien dat de Chinezen het hier voor het zeggen hebben. Tijdens een ochtendwandeling kunnen we als de politie het toelaat de grottentempels van Gungpur bezoeken en de ruïnes van Shepeling dat ooit het grootste klooster van Tibet was.
`s Middags rijden we een stuk met de jeeps en/of lopen naar de eerste kampeerplek op weg naar de Mount Kailas.

dag 13 t/m dag 17 lopen over het Tibetaanse plateau naar het Manasarowar meer en Darchen

We lopen deze dagen ongeveer 5 uur per dag. Vanaf de grens wordt het bagagevervoer ook anders opgelost. Waren het voor de grens de yaks die de bagage droegen, na de grens zal het een jeep zijn of een jeep en een truck. De Tibetaanse gids is daarmee aan de grens gekomen met de benodigde grensdocumenten.
We ontstijgen de vallei van Taklakot hiermee de laatste bomen achter ons latend. Het landschap is open en we zullen om de 7700 meter hoge Gurla Mandata heen moeten om bij het Manasarowar meer te komen. Langzaam komen we nu meer op het plateau, waar we nomaden kunnen zien die hun kudden laten grazen. Vanaf de Thalladong pas kun je het Rakas meer zien en Mt. Kailas. Het Rakas meer krijgt zijn water van het Manasarowar meer. Het Rakas Tal symboliseert het kwade terwijl het Manasarowar meer staat voor het goede, terwijl Mt. Kailas staat voor het mannelijke en Manasarowar voor het vrouwelijke.
Voor Hindoes is het Manasarowar meer misschien wel heiliger dan de Mt. Kailas zelf. Het nemen van een ritueel bad in het meer staat voor een opperste manier om je te reinigen van alle kwaad. Het meer is omgeven door geelbruine bergen hier en daar getooid met sneeuw. Zuidelijk kunnen we een aflopende aarde zien met de witte Himalaya muur. Volmaakte serene rust en stilte in perfecte harmonie met de vormen en kleuren in het lege landschap! De gemiddelde hoogte is op 4500 meter. Hoe verder je naar het noorden loopt hoe beter je zicht krijgt op de Himalayaketen in het zuiden.

dag 13 Toyo - kamp aan de rivier 4470 meter

Na de eerste overnachting op het plateau is er kans dat er wat ijs op de tenten staat. We proberen bij het lopen zoveel mogelijk van de weg af te blijven maar het is niet gemakkelijk een goede route te vinden. Op deze weg is zo goed als geen verkeer dus het is niet echt een bezwaar daar af en toe gebruik van te maken. Zo nu en dan is er een mooie groene vlakke plek aan het water – mogelijk ook geschikt als kampeerplaats als je vanuit Taklakot al verder wilt dan Toyo.

Onze kampeerplek is aan de voet van de Gurla Mandata, een prachtige berg die we laten lopend langs het Manasarowar meer in z`n ware glorie en grootte kunnen zien. Soms is er een pad, dan loop je weer over keien, het gaat op en neer langs plekken waar ook de lokale herders komen.
Zo’n 7 kilometer voor onze kampplaats komen we weer bij de weg. We kamperen bij een rivier die de weg kruist. Looptijd 5 uur. Morgen zullen we bij Rakas Tal kamperen (Tal betekent meer in het Nepalees).

dag 14 rivierkamp - Rakas Tal (4600 meter)

Vandaag steken we de Gurla La over (4722 meter). Na ons vertrek uit het kamp lopen we over een betrekkelijk vlak stuk met soms veel keien richting de pas. Er zijn hier antilopes en we hopen er een paar te zien. Rechts van je heb je zicht op de Gurla Mandata (7728 meter). Op de vaak winderige pas brengen we het nodige aan gebedsvlaggen aan en de gidsen branden wierrook. Bij heldere hemel is vanaf de 2de stapel gebedsvlaggen de Mt. Kailas zichtbaar – in de verte en nog maar heel klein. Bij de afdaling komt knalblauwe Rakas Tal in beeld. Dit meer wordt gezien als het “kwade’ dus het wordt afgeraden hier ons water van te betrekken. Water zullen we moeten halen uit betere bronnen, riviertjes enzo. De voedseltonnen en alles wat maar water kan bevatten worden ingezet als “jerrycans”. We zullen hier dus wel wat zuinig aan moeten doen – geen waswater! Langs de oever lopen we, nu blijvend zicht op de Kailas aan de overkant, naar onze kampeerplaats. We kamperen op de zuid-oost “hoek” van het meer. Looptijd 5 uur.

dag 15 Rakas Tal - Chiu Gompa 4600 meter

We steken de heuvelrug over die de 2 meren (Rakas Tal en Manasarovar) scheidt. Onderweg komen we misschien kyang (wilde ezels) tegen. Eenmaal aan de oever van het Manasarovar meer lopen we naar het noorden naar Chiu Gompa, door de vaak harde tegenwind een lange wandeling. Onderweg passeren we nog een klooster, waar we uiteraard een bezoek aan brengen. Vlak voor Chui Gompa zijn nog kluizenaars-grotten. We kamperen aan de rand van het meer met uitzicht op Chiu Gompa.
`s Middags is er nog tijd om het klooster boven op de bergrots te bezoeken. Looptijd 6/7 uur.

dag 16 Chiu Gompa - Barkha 4630 meter

Vanochtend kun je een bad nemen in de warme bronnen voordat we op pad gaan richting Barkha. Boven de warme bron is een huisje met een glazen dak gebouwd. Voor 20 Y per persoon krijg je een eigen hokje met een ligbad waar warm water in stroomt (met wat algen hier en daar). Er zijn zo’n 10 baden.
Tijdens de wandeling van vanmiddag is het landschap zoals menigeen zich Tibet voorstelt: glooiende graslanden met daarop een herder en zijn schapen met op de achtergrond de besneeuwde bergtoppen. Tegelijkertijd zie je ook dat de moderne tijd hier is doorgedrongen, de masten van de mobiele telefonie dienen als routebaken voor de gids. We lopen naar de vlakte nabij Barkha en komen niet in het dorp. De gids gaat yaks of dragers regelen voor de tocht rond Kailas. Looptijd 4 uur.

dag 17 Barkha - Darchen 4600 meter

Zelfs midden in de zomer kan het hier sneeuwen, door de koude wind is het waarschijnlijk weer een koude start. Naar Darchen is het een vlak stuk parallel aan de bergen. We zien het al snel liggen in de verte. Veel antilopen vandaag en roofvogels. Zo’n anderhalf uur voor Darchen moeten we nog een rivier oversteken (schoenen uit of erg veel hoppen over stenen). In Darchen slapen we in een `nieuw ` guesthouse aan het eind van het dorp, het verval treed echter al weer in. De badkamers kunnen we niet gebruiken en de WC is buiten. Looptijd 5 uur

dag 18 Darchen - Damding Dongkhang 4950 meter

Darchen bestaat uit langgerekte guesthouses, winkeltjes en een verdwaalde Tibetaanse tent. Wij beginnen hier onze rondgang om de heilige berg. Na ongeveer een uur lopen staat een hoge mast met naar de 4 windrichtingen de zo bekende gebedsvlaggen. Kort daarna dalen we weer af naar de vallei bodem en komen langs het festival terrein waar het Saga Dawa ritueel jaarlijks gehouden wordt.
Aan de voet van het eerste klooster ontmoeten we de yaks en hun begeleiders, de jeeps zijn hier met onze bagage naar toegereden. Een enkele keer maken we gebruik van dragers.
Tibetanen lopen deze 52 kilometer lange Kora of heilige rondgang vaak in 1 dag, een Indiase hindoe in 3. Voor Tibetanen betekent een keer rondlopen dat in ieder geval je zonden voor dit leven zijn vergeven; loop je de Kora 108 (het heilige getal) keer dan bereik je nog dit leven het Nirwana.
Wij lopen in een aangenaam tempo in 3½ dag rond om zodoende tijd te hebben op een rustige manier van dit deel van de reis te genieten. Het pad verloopt gelijkmatig en kalmaan stijgend. De bergen hebben prachtige vormen en kleuren en zijn bedekt met sneeuw; heldere gletsjerriviertjes en groene weiden daarnaast. Onderweg zijn er teahouses waar je boterthee en tsampa kunt proeven.
Op de berghelling tegenover Damding Dongkhang zetten we onze tenten op.
Hou op deze dag rekening met `opstartproblemen` van de yakdrijvers, het is zeker de eerste dag altijd passen en meten om de lasten goed op de yaks te krijgen. Looptijd 4 uur.

dag 19 Damding Dongkhang - Jarok Dongkhang 4950 meter

`s Ochtends kun je een stuk in de richting van de Kailas omhoog klimmen totaan de gletsjer. Vanaf dit punt heb je een echt spectaculair zicht op de heilige berg.
Na een vroege lunch vertrekken we naar het kamp onderaan de Dolma La die we morgen oversteken. Hier en daar moeten we een riviertje oversteken. Ons kamp is weer een flink stuk hoger op een mooie wijde berghelling. Onderweg zie en hoor je van die reusachtige bergmarmotten die je zo vaak tegenkomt op de hogere weiden in de Himalaya. Looptijd 3 a 4 uur.

dag 20 Jarok Dongkhang - Zutul Puk 4830 meter

De Dolma la is een hoge pas van 5630 meter hoog, voor de pelgrims (en misschien ook voor ons) zowel het fysieke als spirituele hoogtepunt van deze reis. Tijd voor wierook, gebedsvlaggen, tranen en foto’s. Overal liggen kledingstukken en geldstukken bij wijze van afscheid van dit leven. Daarna volgt de eerst steile dan geleidelijke en dan weer steile afdaling naar het theehuis aan de rivier.
Na de lunch is het dan nog een lange wandeling op en neer naar onze kampeerplaats, onderweg steken we nog een rivier over. Looptijd 7 uur.

dag 21 Zutul Puk - Darchen 4600 meter

Bij de voorjaarsreis valt deze dag op 4 juni, de dag van het Saga Dawa Festival. We blijven daar dan ook om het een en ander aan ceremonies mee te maken!) De volgende dag rijden we dan door naar Toyo.

Na zo’n 20 minuten bereiken we het laatste klooster van de kora, met meditatiegrot van Milarepa. De grot mag niet gefotografeerd worden, de rest wel. Na ons bezoek is het nog zo’n 2 uur lopen naar de “hoek”, ons eindpunt van de kora. De truck en jeep pikken ons daar op. De yakmannen of dragers staan daar ook op ons te wachten. Via de gids krijgen ze hun fooi. In de jeep of achterin de truck gaat het nu terug naar Darchen.

dag 22 Darchen - Taklakot

Na het ontbijt rijden we naar Taklakot. In Taklakot kun je weer eens heerlijk douchen in het openbare badhuis en is er gelegenheid om nog wat te shoppen, e-mailen enzo.
Vandaag geven we ook de fooi aan de Tibetaanse gids en chauffeurs.

dag 23 reserve dag

dag 24 Taklakot - grens - Manepeme 3970 meter

’s Morgens rijden we, na de vaak onbegrijpelijk langdurige grensformaliteiten, naar de grens en ontmoeten daar onze paardemannen die de hele week op ons gewacht hebben. Na de laatste grensperikelen gaan we op pad en klimmen meteen een stuk omhoog en passeren een schouder van de berg op 4120 meter. Nepali flat lopen we naar Manepeme. Manepem is geen dorp, het is gewoon de eerste vlakke plek waar je met passen en meten de tenten kwijt kunt en er is een kleine bron. Zoals zoveel kampeerplaatsen hier is de grond bedekt met geiten- en schapenkeutels, restanten van de zout- en graan-karavanen. Looptijd 4 uur.

dag 25 Manepeme - Limivallei - Til

Deze dag verlaten we de Karnali vallei die door een nauwe kloof naar het zuiden afbuigt. Een spectaculair pad loopt nu zigzaggend tegen een steile rotswand op over een kam op 4120 meter. Landschappelijk is dit misschien wel de mooiste dag.
Na de eerste pas dalen we een flink stuk en vervolgens klimmen we naar de pas die toegang geeft tot de Limi vallei. Onderweg zie je misschien blauwschapen.
De eerste huizen die we zien behoren tot Til Gompa (klooster), het dorpje zelf ligt `om de hoek`. Looptijd 6 uur

dag 26 rivierkam - Jang - rivierkamp 4100 meter

In Halji nemen ruimschoots de tijd om het zeer goed bewaard gebleven klooster te bewonderen. Het dorp zelf moet een van de mooiste Tibetaanse dorpen in Nepal zijn. Je waant je in een middeleeuwse vesting zo tussen de hoge muren doorlopend van afgesloten binnenplaats naar afgesloten binnenplaats. Hier zitten dan met name de vrouwen hun kleurrijke stoffen te weven, het graan wordt uitgezocht of de hond wordt gevlooid.
Ook het volgende dorp Jang ligt tussen de uitgestrekte gerst- en rijstvelden en steekt er als een fort bovenuit. Het plaatselijke klooster steekt wit af tussen de grijslemen huizen. In de kloosters vinden we vele grote en kleinere beelden. De mensen zijn trots en zien er Tibetaans uit. Na Jang lopen we nog een uurtje naar ons kamp aan de rivier. Onderweg passeer je nog een `sneewluipaardval`,  een diepe met stenen afgewerkte kuil. Hoe de val precies werkt is onduidelijk. Looptijd 5 uur.

dag 27 rivierkamp - Talung 4380 meter

We klimmen deze dag eerst in noordoostelijke richting naar het eind van de vallei, soms over wat zijriviertjes heenspringend. Nadat we de grote rivier over een nieuwe hangbug zijn overgestoken gaan we zuidwaarts richting een duidelijk zichtbare stuwwal. Achter de stuwwal ligt een blauw meer: het Tshom Tso en de overblijfselen van een verlaten dorp. De stuwwal zelf bestaat voor een groot gedeelte uit stuifzand, vanaf een afstand lijkt het net alsof er sneeuw op ligt.
Aan de andere zijde moeten we een riviertje oversteken waar geen brug is, als het water te hoog is gaan de schoenen uit en de waterschoenen aan. Langs het meer stijgen we geleidelijk rihting ons kamp, soms is de vallei breed , soms kloofachtig. Misschien ontmoeten we yak en schaapherders in hun zwarte tenten. Looptijd 6 uur.

dag 28 Talung - Nyalu La - boomgrenskamp 3800 meter

Het eind van de zuidelijke tak van de Limi vallei wordt gevormd door de enorme vergletsjerde pieken van de Dimoche Lekh. Het is een steile klim naar de 5000 meter hoge Nyalu La, de doorgang naar de volgende valleien. Op de pas heb je een fantastisch uitzicht.
Eerst langzaam maar later snel nadat we een meertje gepasseerd zijn, daal je verder af tot ons kamp net onder de boomgrens. Hoe mooi en lieflijk komt het ruige landschap hier op je over,  er is weer wat groen, er zijn weer bomen! Onderweg heb je westwaarts steeds zicht op de hoogste berg van West Nepal: de Saipal. Looptijd 7 a 8 uur.

dag 29 boomgrenskamp - Chachera 2600 meter

Vandaag volgen we de Salli Khola (rivier) stroomafwaarts en dalen af naar de Karnali vallei. We zijn weer terug op het pad van de heenweg en lopen langs Kermi. We kamperen vanavond in Chachera of Dharapuri. Het is een lange dag en je zult moe zijn als we uiteindelijk onze tent kunnen opzetten. Looptijd 8 uur.

dag 30 Karnali vallei - Simikot 2900 meter

De laatste trekdag is een pittige combiantie van warmte en klimmen. Na het zoveelste klimmetje sta je ineens te kijken naar de vliegstrip van Simikot. 15 minuten later is de trek voorbij en begint het spannende wachten op het vliegtuigje dat ons weer terug hoort te brengen naar de "bewoonde" wereld. Looptijd 7 uur.

dag 31 extra dag

Voor als de trek om welke reden dan ook uitloopt.

dag 32 Simikot - Kathmandu

Het 16-persoons vliegtuigje brengt ons door de Karnali vallei langs hoge toppen naar het in de Terai gelegen vliegveld van Nepalganj. Bij het uitstappen valt er meteen een warme vochtige deken over je heen.
De vluchten van en naar Simikot vliegen meestal ’s morgens als het helder is. ’s Middags zijn de vluchten tussen Nepalganj en Kathmandu zodat we op een dag van Simikot naar KTM kunnen vliegen. Als het helder is zien we vanuit het vliegtuig o.a. het Dhaulagiri massief, de toppen van de Annapurna, Manaslu, Ganesh Himal en Langtang.

Ook met deze vlucht moet je rekening houden met vertraging. In het programma zijn 2 extra dagen opgenomen om eventueel te kunnen wachten op goed weer. Mochten we toch niet met de reguliere vlucht weg kunnen komen dan moeten we een grote helikopter charteren om op tijd in Kathmandu te zijn om de internationale vlucht te kunnen halen. Reken in dat geval op een toeslag van 350 tot 500 Euro per persoon (afhankelijk van de groepsgrootte en beschikbaarheid van een helikopter).

dag 33 Kathmandu / extra dag

Extra dag in geval van vertragingen.

dag 34 en 35 Kathmandu - Amsterdam

Nog een dagje bijkomen, relaxen, cadeautjes kopen. ’s Avonds vertrek richting Amsterdam. De vlucht gaat weer via het middenoosten en Londen naar Amsterdam. Op dag 36 komen we aan in Amsterdam. Vlieg je met Qatar Airways of Jet Airways dan vlieg je in 1 dag terug en kom je op dag 35 aan in Amsterdam.

Bookmark and Share
HT Wandelreizen
HT Wandelreizen | Noordeinde 4A | 7941 AT Meppel | tel. 0522-241146 | fax 0522-247711 | email: info@htwandelreizen.nl
Website door Zaphyrion