Snel naar:
Vergelijkbare reizen:
Tell a friend
Makalu | The hard way: Van dag tot dag
Een opmerking vooraf
Het gaat hier om een avontuurlijke reis. Er zijn diverse factoren die onderweg onze reisplannen kunnen beïnvloeden, hoe goed de reis ook is voorbereid. Onderstaande reisbeschrijving geeft de hoofdlijnen van de reis weer. De reisleiding kan zich echter genoodzaakt zien om tijdens de reis verschuivingen in het geplande programma aan te brengen.
dag 1 en 2 Amsterdam - Kathmandu
Deze dagen zijn gereserveerd voor een vlucht van Amsterdam naar Kathmandu. Verschillende vluchtmogelijkheden vind je onder het kopje vliegtickets.
dag 3 Kathmandu verblijf
We gaan er van uit dat de meeste deelnemers op deze tocht wel vaker in Nepal zijn geweest. Ieder kan dan deze dag op zijn eigen manier genieten van deze boeiende stad.
dag 4 Kathmandu-Tumlingtar-1e kampeerplaats aan de rivier; vlucht van 35 minuten, 1 uur lopen
In het kleine gebouwtje dat bestemd is voor reizigers op binnenlandse vluchten wachten we op de luchthaven van Kathmandu op het vertrek van onze vlucht naar Tumlingtar. Dat is een klein stadje ergens verweg in het oosten van Nepal. Na het opstijgen vliegen we eerst een stuk door de Kathmanduvallei. Tot heel ver in de vallei staan groepjes huizen tussen de velden, rood, groen, geel, bruin, smalle wegen en een brede rivier meandert naar beneden. In de verte liggen besneeuwde pieken omringd door grote stapelwolken.
We vliegen evenwijdig aan de grote Himalaya keten steeds over een groene heuvel maar toch steeds lager. Dan helt het toestel in een bocht naar het noorden de lengte van een lage vallei in en we zien door de vooruit de mooie rechte landingsbaan van Tumlingtar. De flaps gaan uit en het toerental van de motor omhoog. Na een paar keer stuiteren en flink remmen staan we stil midden op de grasbaan ergens in het oosten van Nepal.
Wanneer we uitstappen zien we langs het hek vele Nepali staan waarvan een belangrijk deel met ons mee zal gaan op de tocht die voor ons ligt. Zij zijn ons al vooruit gereisd: 2 dagen met de bus en drie dagen lopen hebben ze er al opzitten. Zo krijgen we al ons proviand en de gasflessen mee die nodig zijn om deze tocht tot een goed eind te brengen. Nadat we hebben kennisgemaakt en even een korte check hebben gedaan, beginnen we te lopen. Na een uur maken we kamp bij de rivier midden in de jungle. Het is vochtig, warm en de krekels en andere insectenmaken lawaai in het struikgewas. ’s Avonds als het donker is dansen minuscule lichtjes van de vuurvliegjes langs de oevers van de rivier.
dag 5 naar iets voorbij en boven Chainpur, 5 uur lopen, 1400 meter
In de ontbijttent staan snickers, appels, kaas, worst, duo penotti, ananasjam, fruitstroop, pindakaas, honing, toast en boterhamzakken, bourne vita, chocoladepoeder en suiker. We nemen het er van en ontbijten naar behoefte en daarna maakt ieder het lunchpakket klaar. Voordat we goed kunnen gaan lopen moeten we eerst een riviertje over. Het eerste stukje is stilstaand water maar zo diep dat je er niet door kunt waden. Een wankel bootje met een heuse veerman brengt uitkomst. Met 7, 8 man tegelijk worden we overgezet naar het ondiepe stuk, dus toch nog wel een stukje door het water. Nu volgt meteen een stevige klim van ongeveer 2 uur over een mooi pad. De omgeving is jungleachtig en halverwege komen we door een half verscholen dorpje van een paar huizen. Het is erg warm zo op de eerste dag en er moet veel worden gedronken. Na de lunchpauze stijgen we in een rustiger tempo door tot aan het grote dorp Chainpur. Het heeft duidelijk een regiofunctie en in de lange hoofdstraat zijn er veel winkeltjes met vooral voorraden eten, kleren en stoffen, ijzerwaren en primitief gereedschap en huishoudartikelen zoals, zeep, lucifers, potten en pannen en veel plastic. 45 Minuten verderop maken we kamp op een heuvel die dienst doet als helikopterlandingsplaats met een mooi nachtelijk uitzicht op de lampjes van Chainpur. Het is vanavond al wat koeler dan gisteren.
dag 6 via Pokhori naar Kattike (Mahjung) 2240 meter, 5 uur lopen
’s Morgens lopen we een beetje op en neer over brede paden en soms passeren we een dorpje. In deze streek heeft men het voor Nepalese begrippen afwijkende gebruik om de doden te begraven onder een soort van grafzerken i.pl.v. ze te cremeren. Dit is een typische gewoonte voor de stammen Rai en Limbu die het oosten van Nepal bewonen. Na de lunchbreak beginnen we weer aan een behoorlijk stijging. Er is steeds minder bewoning en we lopen meer door het bos. De kampeerplaats is op een mooie open plek die door lokale jeugd soms ook wordt gebruikt als voetbalveld.
dag 7 naar Milke Danda, 3180 meter, 4 uur lopen
De gebieden van Makalu (Arun vallei) en Kanchenjunga (Tamur vallei) worden van elkaar gescheiden door een naar het noorden toe oplopende bergrug: de Milke Danda. Aan het eind gaat hij over in de Lumbasamba Himal. Daar zullen we een oversteekmaken over een 5000 meter hoge pas: de Thag La. Maar eerst klimmen we vandaag naar de graat om die de komende 6 dagen te volgen. Het is een fantastische route waarbij je voortdurend zicht hebt op 5 van de 6 hoogste bergen van de wereld, van west naar oost: Cho Oyu, Mt. Everest, Lhotse, Makalu en Kanchenjunga. Met het winnen aan hoogte trekken we extra tijd uit om te acclimatiseren.
Vandaag weer een behoorlijke klim van rond de 1000 meter. Je kunt zien aan de bossen dat we wat hoger komen. Langzaam maar zeker zien we de herst zijn intrede doen: de bloemen zijnuitgebloeid en de bladeren krijgen herfstkleuren. We komen hoger en het wordt ook kouder nu. Af en toe is er een open plek in het bos. Deze noemt men Kharkha’s, plaatsen waar in de zomer de beesten weiden.
dag 8 Op MD, de Kam, 3680 meter, 5 uur lopen
Hoewel het hoogteverschill tussen het start en eindpunt ongeveer 500 meter bedraagt zullen we heel wat meer meters stijgen en ook dalen. De kam van de Milke Danda is hier rafelig en ruw. Loofbossen gaan over in naaldwouden met grote rododendronbomen/struiken als ondergroei. Omdat we echt de kam volgen is het niet altijd zeker waar voldoende water te vinden is om kamp te maken. Vanwege de hoogte zullen we morgen niet verder stijgen om goed te kunnen wennen aan de ijlere lucht. De kampeerplaats zal geen uitgestrekte vlakke plaats zijn maar meer kleine tentplekjes op afstandjes van elkaar.
dag 9 Acclimatisatiedag, 3680 meter, eventueel dag wandeling
De hele dag kun je nu genieten van het fantastiche uitzicht. De valleien zijn ’s morgens vaak gevuld met wolken zodat het lijkt dat de groene bergkammen en witte toppen drijven in een zee van mist. Het kan hier echter ook mistig zijn zodat er van die mooie uitzichten veel minder terecht komt. Wie zin heeft kan een mooie dagwandeling maken. Wie geen zin heeft blijft lekker op het kamp om te lezen, te fotograferen, dagboekje bij te werken, spelletje te doen o.i.d.
dag 10 Wandkamp, 4080 meter, 6 uur lopen
De dag begint met een flinke afdaling van ongeveer 400 meter. Daarna maak je de “verloren” hoogtemeters weer goed en je stijgt verder naar de 4000 meter grens. Dat is ook duidelijk te zien aan de vegetatie: langzamerhand kom je boven de boomgrens en je loopt tussen struikgewas van rododendrons en rode prikstruiken. Zeker in de schaduw van de kliffen wordt he nu behoorlijk koud en soms kun je een stukje sneeuw zien liggen of een ijspegel zien hangen. We steken een schouder van de berg over en na het pasje dalen we steil af naar het kamp dat in een heerlijke weide ligt.
dag 11 op de Milke Danda 4170 meter, 6,5 uur lopen
Ook vandaag is het weer veel stijgen en dalen met pasjes van rond 4350 meter hoog. Het landschap wordt kaler en de uitzichten blijven geweldig. De hellingen liggen vol rotsblokken die niet in passen in een doorsnee Nederlandse tuin. De weiden zijn bezaaid met azalea`s, wel uitgebloeid maar nog heerlijk geurend. Hele vlakken bruingroen worden afgewisseld met plakken kleine rotsen alsof ze een plaveisel vormen. In de verte de Kanchenjunga en Jannu in volle glorie. Een prachtige dag die ook heel goed is om verder te acclimatiseren.
dag 12 naar Sadju, een meertje, 4165 meter, 8 uur lopen
Het landschap wordt wat weidser. De kam waar we op lopen verbreedt zich. Natuurlijk zijn er weer ups en downs en de pasjes liggen weer op ongeveer 4400 meter hoogte. Voor de middag is het vrij vermoeiend gaan maar na de lunch wordt het wat gemakkelijker. Het pad loopt vrij vlak traverserend langs de flanken van de berg. De hellingen zijn nu meer grazige weiden. De mensen uit de dorpen in het dal brengen de yaks hiernaar toe. Af en toe passeren we bijzonder primitieve seizoensverblijven waar een enkele familie dan huist. Vanaf de laatste pas zien we de grote kom van de kampeerplaats al liggen, mooi naast een koud zwart meertje. Het kamp ligt wat laag tussen omringende heuvels en de zon komt hier niet vaak; het is koud. Na deze relatief lange dag zetten we gauw de tenten op en zoeken de warmte van de thee en de slaapzak.
dag 13 onder een rotswand, 4200 meter, 4 uur lopen
Vandaag is een relatief korte dag. Het gaat weer behorlijk op en neer en je krijgt het gevole dat de bergen wat ruiger worden. Grotere en steilere rotswanden flankeren het pad en tussen het gras zien we azalea’s en de schoenlappersplant. Dan volgt er een lange afdaling langs een gruishelling tot aan een zompig stuk. Het rivierje hier is erg vertakt zodat het lijkt of je door een moeras loopt. Even later als de beek weer 1 smallere stroom is maken we ons kamp op 4200 meter tegen een grijsgele rotswand.
dag 14 naar iets voorbij Topkekhola 3862 meter, 5¾ uur lopen
Voor ’t eerst in een week zullen we weer eens door een dorpje komen. Hoewel we onderweg wel enkele yakherders zijn tegengekomen kijg je toch de indruk dat je door een afgelegen en onbewoond gebied bent gelopen. We beginnen de dag met een stijging van 700 meter. De omgeving is verrukkellijk met mooie velden, rotswanden en op de pas uitzicht op de Kanchenjunga en het dorpje ver beneden in een vallei.
Na een uurtje geleidelijk afdalen komt er weer meer begroeiing op ons pad, eerst de overbekende rododendrons en verder naar beneden bossen met den, jeneverbes en lariks.
Topkekhola ligt op ongeveer 3750 meter en bestaat uit 15 huizen. Deze zien er niet slecht uit en ze zijn robuust gebouwd, als een soort blokhutten. Er zijn maar weinig mensen en er is bijna niets te koop. Dit is de plek waar het pad van de Himalaya Traverse 3 naar het zuiden afslaat. Het dichtstbijzijnde dorp ligt op 1 a 1 ½ dag lopen stroomafwaarts. Wij slaan hier echter af naar het noorden. We bevinden ons in een enorm brede en vruchtbare vallei. Goed om vee te houden, te koud om landbouw te bedrijven. We passeren een groot meer en aan de overkant ervan ligt een heiligdom met heel veel gebedsvlaggen. Op een mooie plek bij de rivier maken we kamp.
dag 15 van Topkekhola over Thag la (5008 meter) 6½ uur lopen, 4200 m
Van dit kamp kunnen we een aantal dragers terugsturen naar Kathmandu. De voorraden zijn dusdanig geslonken dat het voor de logistiek beter is als we met wat minder mensen verder gaan. We volgen eerst een heel stuk de vlakke vallei en na een uurtje gaat het langzaam maar steeds steiler omhoog. Het bos maakt weer plaats voor struikgewas. Hoe hoger we komen hoe minder er groeit, op ’t laatst alleen nog maar wat sprieten gras en mos. Het laatste stuk naar de pas bestaat uit mooie witte stenen, heel apart om hier overheen te lopen. Het is een hele klim van ongeveer 4 uur en iedereen is blij om boven te zijn. We kunnen nu voor het eerst over de noordelijke bergen, waar we al die tijd tegenaan keken heenkijken. Een panorama met deel van de Lumbasamba Himal met mooie witte pieken en immense dieptes ontvouwt zich voor ons. Ondanks de kou en de wind blijven we een tijdje genieten van het gave uitzicht. We dalen af over de noordkant van de pas met sneeuwvelden, rotspartijen en watervallen. Het is een flinke afdaling voordat we bij een “hoofd”vallei de dalbodem bereiken. We slaan hier linksaf en volgen het dal dat steeds smaller wordt. Zo smal dat je van een kloof kunt spreken. De wanden bestaan uit gladde bruin/zwarte rots en je ziet weinig van de lucht. Waar de kloof zich weer wat opent, maken we kamp langs de rivier.
dag 16 naarThudam, 3590 meter, 2 uur lopen, rust en voorraden aanvullen
Na het ontbijt beginnen we met de afdaling naar Thudam. De wereld verandert snel van een kaal koud bergland naar een dicht bos met warme zonnestralen. De river is prachtig met mooie blauwwitte strommversnellingen en watervalletjes. De bladeren van de bomen filteren het zonlicht, de zon twinkelt in het opspattende water en we zijn blij dat de temperaturen weer wat aangenamer zijn.
Als we over een bruggetje over de rivier het dorp binnenlopen weten de dorpsbewoners niet wat ze zien. Nieuwsgierigheid wint het van de schroom en voorzichtig vraagt men ons in een onbekend Tibetaans dialect waar we vandaan komen en wat we komen doen. Dat we hier uit nieuwsgierigheid zijn en uit liefde voor bergen en Nepal zegt ze weinig en is ook moeilijk te geloven. We vragen vriendelijk of we kamp mogen maken en brengen de rest van de dag door in wederzijdse verwondering. Men houdt er hier niet van om gefotografeerd te worden dus daar moet je terughoudend in zijn. Het is ongelooflijk interessant om iets meer te weten te komen over hoe de mensen hier kunnen overleven. Thudam is het enige dorp in deze vallei. Het is 12 uur lopen over een moeilijk pad naar een volgend dorp (dat doen wij in de komende dagen) of je moet hoge passen over en dan ben je gelijk in Tibet of je moet naar waar waarwij vandaan komen en dan is het minstens 2 dagen lopen naar het eerste dorp aan de overkant van de Thag La. De omgeving is echter wel een paradijsje. Een prachtige rivier met glashelder water, een gevarieerd oerbos en grazige weiden hogerop is alles wat deze mensen hebben. Natuurlijk is er wel wat handel met Tibet wat we kunnen zien aan sommige uit China afkomstige produkten als kleren en plastic spulletjes.
dag 17 Thudam en naar het boskamp, 3240 meter, 1 uur lopen
We brengen vandaag alles op orde en vertrekken pas na de lunch.Het hele dorp is uitgelopen maar de vrouwen laten zich niet fotograferen. De afdaling is zo steil dat ik blij ben dat ik er niet tegen op hoef te klimmen. De rivier raast naar beneden met een bulderende waterkracht. De prikstruiken maken plaats voor jeneverbesplanten en dan komen ook weer de grillige rododendrons. Hun takken zijn zeer bijzonder, soms roze en soms hangen er vellen aan. Wat moet dat mooi zijn als ze vol in bloei staan. Maar de tegenwind over het koude water maakt het onaangenaam. Wanneer de zon zich laat zien is het prettig. Na ongeveer een uur wandelen komen we op een ruime plaats in het bos. Hier is het kamp voor vandaag. Morgen wordt een lange dag als we het volgende dorp Chyamtang willen bereiken. Tot daar is er niet echt een geschikte kampeerplaats voor een grote groep.
dag 18 naar Chyamtang 11-15 uur lopen, 2270 meter
Voor dag en dauw staan we op om bij het eerste licht al te kunnen gaan lopen. Het wordt een lange vermoeiende dag. Deze dag lopen we de vallei van Thudam naar beneden toe uit. Dat kan echter niet over de bodem van de vallei. We worstelen ons over glibberige oerwoud paden omhoog en omlaag, slingerend over de bergflank. We ontwijken uitstekende takken en bamboestengels trotseren smalle bamboebruggetjes en hoge modderige op- en afstappen. De vegetatie is ineens overweldigend groen met veel water, watervallen en modder. Daar waar we iets dichter bij de bewoonde wereld komen en het bos terugwijkt is het pad soms overwoekerd met onkruiden en lastig te volgen. Uiteindelijk beginnen we met de laatste lange afdaling naar de brug over de bovenloop van de Arun. Een uurtje boven de brug is men bezig met het “ontginnen” van een yakweide. Deze plek zou in de toekomst geschikt kunnen worden als tussenkamp, want we hebben nu al wel 8 uur gelopen. De grote brug ligt op ongeveer 1750 meter hoogte en het pad gaat aan de overkant van de rivier net zo hard weer omhoog. Deze kant van de vallei is wat meer bewoond en afwisselend lopen we door bos en over landerijen. Het is nog 2 en een half uur stijgen naar het eerste wat grotere dorp Chyamthang. We kunnen kamperen op het schoolplein. Iedereen is behoorlijk moe en ploft na het eten meteen in de slaapzak. Morgen is er weer een dag.
dag 19 extra dag
Mochten we de dag van gisteren in twee etappes kunnen doen dan gebruiken daar deze dag voor. Als we toch het hele stuk in 1 dag hebben gelopen dan zijn we misschien wel toe aan een echte rustdag. Of anders kunnen we deze dag ergens anders gebruiken.
dag 20 Chyamtang – Honggaon 2350 meter, 5 uur lopen
Chyamthang is een aardig dorp met veel belangstellende mensen, veel kinderen en een school. De huizen zien er verzorgd uit maar van enige ontwikkeling is verder geen sprake. We zijn hier ook wel heel ver van Kathmandu verwijderd. We komen uit het ruige werk en lopen nu verder door een lieflijker landschap. Het gaat steeds Nepaliflat, we gaan omhoog, omlaag en weer omhoog. We passeren een chörten, een dorpje hier en een dorpje daar, kinderen en werkende vrouwen, ploegende mannen. Aan de andere kant van de vallei zien we de oerwoudwanden waar we gisteren langs en overheen zijn geklommen met daarboven de witte toppen van de Lumbasamba Himal. Een paar heerlijke uren wandelen verderop maakt het pad een bocht en op de tegenoverliggende steile helling zien we veel landerijen. Ergens hogerop ligt het dorp waar we de nacht gaan doorbrengen. We klimmen de laatste drie kwartier steil omhoog langs het dorpsriviertje dat soms ook wel de centrale riolering lijkt. Het laatste stukje naar het kamp gaat door de steegjes en straatjes van het dorp en wederom is het schoolplein de kampeerplaats.
dag 21 kamp in het bos, 2450 meter, 5 uur
Een halve dag nog lopen we door bewoond gebied en na het laatste gehucht beginnen we een stijging met snel dichter wordende begroeiing. We lopen achter elkaar aan zonder elkaar te zien en het is vrij donker in het overigens schitterende oerwoudbos. Soms lopen we naast het stroompje en soms klimmen we door het stroompje heen verder omhoog. Op een bepaald moment vlakt het terrein wat uit en we stuiten op een plek waar men het bos aan het ontginnen is. Er staan 2 schamele hutjes, er lopen yaks rond en overal liggen yakvlaaien. Men is hier blijkbaar nog niet berekend op toeristen. Het duurt even voordat iedereen een plekje heeft gecreëerd voor zijn/haar tent. Het wordt geen comfortabele nacht, maar ook dat hoort bij een avontuur zo ver weg van de “gewone” wereld.
dag 22 kamp aan de rivier, 2780 meter, 6 ½ uur lopen
In de ochtend verlaten we de open plek en we doorkruisen praktisch de hele dag bossen in verschillende samenstellingen. In het begin is het weer een tamelijk dicht oerwoud. Naarmate we verder omhoog klimmen wordt het groen wat minder dicht en we krijgen weer wat beter zicht op de omgeving. Beneden je zie je nog wat dorpen liggen waar we doorheen trokken. We stijgen verder tot over een pasje (op 3220 meter hoogte) waarna we niet ver meer afdalen. Na de lunch lopen we verder de hele middag “nepali flat” door oerbos en jungle met prachtige vreemde planten- en boomsoorten. Tussen de varens, bamboe, rododendronbomen, woudreuzen en nog veel meer planten dalen en klimmen we. Af en toe gaan we via rotsblokken een stroompje of riviertje over. Aan het eind van de dag vinden we een mooi kamp niet ver van een rivier.
dag 23 hoog kamp, 4000 meter, 6,5 uur lopen
Vlak na het vertrek stuiten we op de vrij brede junglerivier die we moeten doorwaden want het pad loopt verder aan de andere kant. Het water is koud en de stenen glad, dus tijd voor je Teva’s. Stevig gearmd of met behulp van je skistokken kun je veilig oversteken want het water is niet diep en volkomen helder. Langzaamaan lopen we weer een overzichtelijk landschap in. Het is een vallei waarvan de zijkanten bestaan uit steeds hogere rotswanden. De vallei wordt ook smaller. Na de lunch beginnen we aan een pad dat links de bergwand oploopt. Het is niet makkelijk te zien waar dit naar toe leidt. Na ruim 3 uur omhoog klimmen door het steile terrein vlakt het pad wat uit en na een bocht zien we een prachtige vlakke plek om de tenten op te zetten. Het is hier nu ineens kaal en boomloos. Beneden ons de wereld waar de mensen wonen. Hier is er verder niets dan bergen en sneeuw en heerlijke uitzichten op de Kanchenjunga en de Jannu.
dag 24 4190 meter, 4 uur lopen
In deze contreien zijn er niet veel paden en die er zijn lijken soms meer op geitepaadjes. In omstandigheden met veel sneeuw is het uitkijken geblazen. Gelukkig hebben de de route al voorzien van GPS-data. We zoeken de route naar de vallei van de Barun Khola. Contourend over schouders van de bergen gaat het op en neer, steeds weer een pasje gevolgd door een steile afdaling. We lopen gemiddeld op 4300 meter over kale flanken van de machtige bergen. Een heerlijk dag vol nieuwe vergezichten.
dag 25 hoog kamp bij meertje, 4090 meter, 6 uur lopen
Vandaag steken we nog 3 schouders over allemaal rond 4450 meter hoog. Het terrein is schitterend met rotstorens en diepe afgronden en prachtig zicht op gekartelde bergketens. Het gaan is op zich best zwaar door de steilte en de smalle paden, zeker onder sneeuwomstandigheden. Voor je of achter je zie je het lange lint van de dragerskaravaan. De laatste afdaling van de dag gaat over een stuk met grote rotsblokken. Zolang je het maar rustig aan doet is het geen probleem. Soms zijn er grote stappen omhoog of omlaag. Uiteindelijk slapen we op een mooi veld bij een meertje in een iets lager gelegen hoog dal.
dag 26 Yangle Kharka, 3540 meter, 4,5 uur lopen
Na de kale wanden van de berg zijn we inmiddels wat gedaald. In de directe omgeving van het kamp staan honderden azalea`s en aan de andere kant zien we rododendronstruiken en bomen. Na een uurtje lopen begint het pad ineens steil te dalen. De eerste bomen verschijnen weer. Het bos is prachtig, geel, bruin, groen in veel schakeringen. Veel mos en knoestige stronken van de rododendron beheersen een stuk van het pad. Grote bemoste bomen, te dik om met twee man te omvatten. Hier een daar is het nu brede pad net een moddeerglijbaan. We moeten ons vasthouden aan boomuitsteeksels en wortels om niet te snel naar beneden te glijden. Gelukkig zijn er veel bomen dus gevaarlijk is het niet. We verliezen snel hoogte en het wordt daardoor ook snel warmer, wat na een paar dagen vrieskou heerlijk is. Het geluid van de Barun Khola (rivier) die van de Barun gletsjer af komt, kun je al heel goed horen. Het daalpad komt uit vlak boven de rivier. Aan de overkant zien we een mooi breed pad. Dat is het “normale pad dat leidt naar het Makalu BC. Aan het eind van de dag komt ons pad daarmee samen. We begeven ons nu noordwaarts soms over een aardverschuiving, hier en daar een boomstronk of hele platliggende bomen, over rotsen en over beekjes die zich van rechts naar beneden storten. Met kleine ups en downs naast de rivier bereiken we redelijk vroeg in de middag Yangle Kharka, een brede vlakke strook gras naast de rivier. Er staan 2 hutjes en er is zowaar ook een klein kloostertje.
dag 27 naar Sherson, 4680 meter, 6 uur lopen
We zijn natuurlijk uitstekend gewend aan de hoogte en daarom kunnen we in een vlot tempo over een voor onze begrippen geweldig pad door lopen tot aan het Makalu BC. Daar gaan we 2 dagen over doen.
Door prachtige romantische bossen lopen we gestaag verder omhoog nu. Bij de rotswand die “de zwangere vrouw, Amaa Bujima” wordt genoemd maakt het dal een 90º bocht naar links, naar het westen. Aan het eind van de vallei zie je hoge Himalayatoppen voor je oprijzen, zoals Chonku Chuli (6830 m) en Peak 6 (6739 m). De vallei verbreedt zich weer, hier zijn we in de typische hoogalpiene wereld van de Nepalese Himalaya. De nachten worden kouder en kouder. We stijgen verder geleidelijk verderop naar Sherson. De kaart suggereert een plaatsje of iets dergelijks, maar er is helemaal niets. Wel krijg je zicht op de ruim 8400 meter hoge Makalu (nr. 5 berg van de wereld) en de morenehelling die we over moeten om bij het, nu nog onzichtbare, basiskamp te komen.
dag 28 naar Makalu BC 5000 meter, 3 uur lopen
Voor je ligt de morene die je het uitzicht op het lagere gedeelte van de Makalu ontneemt. Langzaam klim je hogerop en word je beloond met een prachtig uitzicht: diep beneden je (althans zo lijkt het) ligt het basiskamp met daarachter de steil zwart en wit oprijzende Makalu. Hoewel we natuurlijk al vele ongelooflijk mooie uitzichten hebben gehad is nu juist de dichtbijheid van zo’n enorme berg het indrukwekkendst.
dag 29 rustdag, uitstapje
We hebben als alles zo volgens plan is verlopen hier een hele dag om te genieten van de onwezenlijke mooie wereld rondom ons. Er zijn legio mogelijkheden de omgeving te verkennen en te proberen een nog mooier zicht te hebben op de Makalu. Wie rust wil houden kan dat natuurlijk ook doen.
dag 30 terug naar Yangle Kharkha dagtocht
Vandaag dalen we weer af naar Yangle Kharkha. Het voelt een beetje of de tocht erop zit. Vanaf nu is het reizen weer terug naar huis. Dat voelt een beetje dubbel. Aan de ene kant heb je alweer zin in je eigen bed, eindeloze warme douches en zelf kunnen kiezen wat je eet, aan de andere kant ga je de natuur, de rust, de heldere bergbeken, prachtige uitzicht en vooral de goedgehumeurde Nepalezen ook weer missen. Hoewel we deze dag teruglopen zie je de hele tijd de wereld weer anders. Blijkbaar maakt het niet uit of je een stukje hetzelfde pad moet lopen. Het is en blijft prachtig.
dag 31 naar Mumbuk 3550 meter 4 ½ uur of Dobate 3850 meter 6 uur
We dalen eerst een stukje verder af door de vallei van de Barun rivier. De wanden langs dit ravijn worden op een bepaald moment zo steil dat er geen mogelijkheid is voor een pad. Daarom lopen we in de middag weer omhoog langs de nu met bossen begroeide bergflanken. Met een kleine groep kun je kamperen in Mumbuk. Er zijn daar tussen de bomen kleine kampeerplaatsjes. Met een grotere groep lopen we 300 meter en 1 ½ uur verder omhoog tot we bij een plek komen met wat meer mogelijkheden. Hier staat ook een theehuis.
dag 32 naar Kaungma 3635 meter, 4 ½ uur
Het oversteken van de hoge kale bergrug die ons nog scheidt van de lagere regionen nemen we via drie kleinere passen van allemaal ongeveer 4200 meter hoog. Tussen de passen in de lage kommen ligt vaak een bergmeertje en er zijn wat gebedsvlaggen. Soms ligt er hier veel sneeuw. De passen markeren de zuidflanken van de bergen en vangen dus in de moessontijd grote hoeveelheden neerslag. Vandaar. Ergens halverwege en nog voordat we het uiteindelijke afdalen inzetten gebruiken we de lunch. Het afdalen gaat over de kam van de berg met rondom weer fantastische uitzichten. Het pad wordt breder, de struiken worden bomen en de eerst grote pleisterplaats heet Kauma. Er is een grote bewoonde hut met cola en een mooi veld om te kamperen.
dag 33 naar Sedua 1650 meter, 6 uur lopen
Vanaf Kaungma krijgen we een enorme afdaling van 2000 meter. Gelukkig is het pad goed en breed en bijna nergens heel steil. Dus lopen we comfortabel door prachtige herfstbossen in een uur of 3 naar het eerste dorp en landerijen. Het dorp heet Tashigaon en is heel pittoresk met mooi roodbruin geschilderde huizen tussen grote vruchtbomen en goed aangelegde akkertjes. Voor ’t eerst sinds tijden is er iets van een winkeltje. De koopwaar wordt aandachtig en uitgebreid bekeken. Voor Nederlandse begrippen stelt het helemaal niets voor (petten, kleren, tandenborstels, lucifers en zalfjes e.d. maar voor een groep die nu al 4 weken in de rimboe doorgebracht heeft, is het ineens iets bijzonders. We lunchen en lopen vervolgens verder naar beneden door steeds meer bewoond gebied. Ergens in of bij het grote centrale dorp Sedua slaan we kamp op.
dag 34 naar Parangbu, 570 meter, 8 uur lopen
In de omgeving van Sedua is een flink deel van de hellingen nog bewerkt en bestaat uit terrassen. Na een uurtje ben je daar voorbij en bestaat je wereld uit fantastische tropische jungle. Na korte tijd dalen we steil naar de grote rivier. Over een grote hangbrug steken we een zijvallei en rivier over. Soms lopen we nu een stukje over het strand van de bulderende Arun die hier al een heel erg grote en indrukwekkende rivier is. Af en toe is er ook een veel primitievere hangbrug om een zijrivier over te steken. Op spaarzame plekken in het bos proberen boeren een stukje land te ontworstelen aan de wilde jungle. Het pad is lang niet altijd goed en op vele plekken nat en modderig. Parangbu is het eerste dorpje dat je weer tegenkomt. Hier kunnen we kamperen bij een schooltje. Dit is een vrij lange dag over niet te makkelijke paden, dus je bent moe en voldaan als je ’s avonds je slaapzak inrolt.
dag 35 naar Bumling, 430 meter, 4 uur lopen
Een buitengewoon schilderachtige dag met primaire jungle afgewisseld met dorpjes waar de tijd nog heeft stilgestaan. In de bossen zien we vele soorten vlinders (zwart met witte streepjes, oranje vlinders, citroenvlinders, zwart met wit geaderd, blauw met wit) en exotische vogeltjes. Rijst en graanvelden in terrassen met velerlei kleuren rondom de roodbruin en wit gekleurde huisjes. Geiten en kippen lopen overal vrij rond. We kamperen even buiten het dorp op een prachtige vlakke plek net naast de Arun waar het nu zo warm is dat je je lekker kunt (en wil) wassen in de koude rivier.
dag 36 naar Tumlingtar, 380 meter, 6 uur lopen
Vandaag is de laatste echte loopdag en zullen we terugkeren waar alles begonnen is: Tumlingtar. Na een half uurtje steek je de rivier over via een grote ijzeren hangbrug. Langs de rivier gaat het verder omhoog en omlaag door afwisselend bos en landerijen van idyllische dorpjes. Dichterbij Tumlingtar wordt het steeds drukker. Hoe klein het dorpje ook is, het is toch een soort centrum van de omgeving met winkeltjes, een hotelletje. We kamperen bij de rivier op een klein uurtje afstand van het vliegveld. Vanavond is er feest om de goede afloop van de tocht te vieren en afscheid te nemen van al onze dierbare Nepali.
dag 37 terug naar Kathmandu
Na een korte wandeling staan we dan weer op het vliegveldje. Nu moeten we wachten tot ons toestel komt. Soms duurt dat de hele dag. Wanneer de sirene gaat weten we dat er in Kathmandu een toestel is opgestegen met de bestemming Tumlingtar. We speuren de hemel af en 45 minuten later zien we de zwarte vogel boven de groene velden snel groter worden. Zonder veel plichtplegingen kunnen we instappen. De bagage wordt in de kleine ruimen voorin en achterin gelegd; de deuren en kleppen worden vergrendeld en na een korte aanloop zweef je langs de Himalayatoppen weer terug naar de drukte van de “beschaafde” wereld. Na de landing in Kathmandu komt de hectiek van de grote stad over je heen en in het hotel wacht een bed en een lekkere warme douche.
dag 38 Kathmandu reserve dag
Extra dagen om vluchtvertragingen te kunnen opvangen en/of om lekker bij te komen in het hotel. Weer eens een warme douche, lekker op het terras thee drinken of een biertje of de stad in.
dag 39 en 40 Terug naar huis
`s Avonds vertrek uit Kathmandu, de volgende dag komen we aan in Amsterdam.


















