Snel naar:
Vergelijkbare reizen:
Tell a friend
Manaslu | The hard way: Van dag tot dag
Algemene opzet van de reis
Manaslu “the hard way” is al een aantal seizoenen met succes gelopen. Bij deze tenttrek proberen we zoveel mogelijk de inmiddels gangbare route te vermijden. De eerste week volgen we ten opzichte van de gewone Manaslu tocht een andere route over de 4680 meter hoge Rupina La naar de Tibetaanse enclave in de hogere Buri Gandaki vallei. Na de busrit naar Gorkha en een overnachting in deze koningsstad trekken we door Gurung dorpen in de richting van de eeuwige sneeuw. De oversteek van de Rupina La, met vlak daaronder de Chhuling gletsjer, brengt ons in de buurt van Deng op de hoofdroute naar Lho en Sama. In Samdo, het laatste dorp voor de Tibetaanse grens, kamperen we 2 nachten en beklimmen vanuit dit basiskamp de 5100 meter hoge Samdo piek. Vijf tot zes uur staan er voor de 1300 hoogtemeters naar de top vanwaar het uitzicht fantastisch is; naast de Manaslu I en de overige bergen van de Manaslu Himal zie je ook de bergen en passen die de grens met Tibet vormen…
Van Samdo vervolgen we de route naar het basiskamp van de tweede pas, de Larkya La. De aanlooproute voert vlak langs witte bergen en hun gletsjers. Aan de andere kant van de Larkya La duiken we vrij snel een mooi, oeroud bos in. De laatste paar dagen lopen we uit via de Rond Annapurna tocht. De kou en het boeddhisme verruilen we weer voor de warmte en het hindoeïsme.
Een opmerking vooraf
Het gaat hier om een avontuurlijke reis. Er zijn diverse factoren die onderweg onze reisplannen kunnen beïnvloeden, hoe goed de reis ook is voorbereid. Onderstaande reisbeschrijving geeft de hoofdlijnen van de reis weer. De reisleiding kan zich echter genoodzaakt zien om tijdens de reis verschuivingen in het geplande programma aan te brengen.
dag 1 en 2 Amsterdam - Kathmandu
Deze dagen zijn gereserveerd voor een vlucht van Amsterdam naar Kathmandu. Verschillende vluchtmogelijkheden vind je onder het kopje vliegtickets.
dag 3 Kathmandu
Aan het begin van de reis heb je tijd vrij te besteden in Kathmandu en omsteken. Een eerste wandeling door Kathmandu is overweldigend. Durbar Square met z’n aaneenschakeling van tempels en z’n smalle zijstraten vol kleurrijke mensen, handel en vertier is hét centrum en ademt een sfeer waarmee de hele oude stad is doortrokken. Op fietsafstand liggen de prachtige Boeddhistische Stupa’s van Swayambhunath en Bodnath. Dat geldt ook voor Pashupatinath, een hindoetempelcomplex met crematie ghats (kades) aan de oever van de heilige Bagmati-rivier.
De twee koningssteden Patan en Bhaktapur liggen op fietsafstand van Kathmandu. De “middeleeuwse sfeer” wordt er bepaald door de oude bebouwing, de tempels en de smalle straatjes, waar geen gemotoriseerd verkeer kan komen. Zelfs de stadsdelen zijn hier nog volgens het kastensysteem gegroepeerd.
Patan heeft een fascinerend centraal Durbar Square met vele tempels, standbeelden en een koninklijk paleis. Tevens bevindt zich hier een van de mooiste boeddhistische kloosters in Nepal. Bhaktapur is het meest oorspronkelijk gebleven en totaal autovrij. Pottenbakkers hebben met hun activiteiten een compleet plein in beslag genomen en duizenden potten staan te drogen in de open lucht. Ook aan het einde van de reis verblijven we in Kathmandu.
dag 4 Kathmandu - Gorkha 1100 meter, 7 uur bus
In de ochtend rijden we de Kathmandu vallei uit en dalen we af in de vallei van de Trisuli Gandaki. Het is een kleine klim naar de stad Gorkha. Het was van hieruit dat de Gurkha’s in de 18e eeuw heel Nepal onder een bewind brachten. Tot op de dag van vandaag wordt de term Gurka gebruikt voor soldaten afkomstig uit heel Nepal, hoewel het ook mensen van andere stammen kunnen zijn zoals Rai en Limbu.
We kamperen midden in het dorp en als er genoeg tijd is brengen we ‘s middags een bezoek aan het oude paleis dat boven Gorkha op de bergkam ligt. Van hieruit heb je met een beetje geluk een mooi uitzicht op een deel van de Himalaya; van Dhaulagiri in het westen tot de Everest in het oosten en een eerste blik op de Manaslu.
dag 5 Gorkha - Ekle Sangu 550 meter, 5 uur lopen
Vandaag dalen we af in de richting van de rivier de Dorondi Khola. Nepal is op deze hoogte overweldigend groen en het is dan ook verbazingwekkend dat je de eeuwige sneeuw van de gletsjers van de Bauda Himal haast onder handbereik hebt. De tocht van vandaag gaat grotendeels door het bos en we kamperen bij Ekle Sangu, dit betekent “one bridge” en die steken we morgen dan ook over. We maken kamp aan de rivier en zien ’s avonds misschien vele vuurvliegjes als lampjes dansen op de oevers.
dag 6 Ekle Sangu - Milim 825 meter, 5½ uur lopen
De hele dag volgen we de rivier omhoog. We passeren verschillende dorpen en eenvoudige thee-huizen waar westerlingen zelden worden gezien. Het is aangenaam druk op het pad, doordat veel lokale mensen onderweg zijn. De natuur bloeit uitbundig. We lopen door eindeloze rijst- en gierstvelden. Er zijn bananen, papaja’s, rietsuiker, hibiscus, bougainville en veel vogelsoorten. Het opzetten van de tenten in Milim gaat gepaard met veel belangstelling van de plaatselijke bevolking. In het dorp zijn veel kleine winkeltjes waar van alles te koop is.
dag 7 Milim - Barpak 1450 meter, 5 uur lopen
Voor ’t eerst gedurende deze trek maken we een flinke stijging naar het bergdorp Barpak op zo’n 1900 meter. Gelukkig klimmen we door een gebied met overwegend bos dat veel schaduw geeft, zodat het niet zo heet is. ’s Middags hebben we nog tijd om het dorp te verkennen. Barpak is een groot dorp dat uit een hindoe- en een boeddistisch gedeelte bestaat. Je ziet dat hier de huizen al van steen zijn en dat de mensen nu geen Indiaas uiterlijk meer hebben maar veel meer mongoloïde trekken vertonen. We kamperen op de schoolweide en voetballen met de plaatselijke jeugd.
dag 8 Barpak - boskamp 2350 meter, 4½ uur lopen
Vandaag verlaten we Barpak en daarmee ook de bewoond wereld. We lopen achter een grote waterval langs en passeren een paar oude landslides. Af en toe zien we nog tekenen van mensenleven. In de zomer komen hier wel herders om op de berghellingen het vee te laten grazen. Hier en daar zien we een zomerhut.
Vanaf nu gaan we een kam volgen richting de Rupina La. Dat betekent dat je bij goede weersomstandigheden steeds schitterende uitzichten hebt: schuin links voor je zie je vlakbij de enorme zuidwand van de Bhauda Himal. Vaak is het op deze hoogte ook wel mistig zodat je minder ziet dan je zou willen. We lunchen bij een huisje met een mooie terugblik op de route van de afgelopen dagen. Na de lunch lopen we verder door een mooi bos, vol baardmossen, rode en blauwe bessen en paarse orchideeën. De kampeerplek, rond 2350 meter hoogte, is krap, maar we passen er met z’n allen op. Bij helder weer is de zonsondergang op de Bhauda Himal prachtig!
dag 9 boskamp - kharka 3100 meter, 4½ uur lopen
Het pad gaat net als gisteren op en neer en voert ons door rododendronbossen en langs verlaten weiden. We zien veel watervallen, primulaatjes en wilde frambozen. We steken vaak een zijriviertje over en lopen door prachtige oerbossen. Het is sprookjesachtig. We kamperen op een grote, ruime plek bij een zomerweide.
dag 10 kharka - hoogte kamp 4000 meter, 6½ uur lopen
We stijgen verder langs de rivier en lopen eerst nog door de mooie oerbossen. Via een houten brug steken we de Dorondi Khola over en komen we boven de boomgrens. Nu en dan vinden we onze weg over grote keien in de rivierbedding.
De Rupina La laat zich nog steeds niet zien. We lopen verder tot het basiskamp op 4000 meter. Er is niet eerder (lager) een goede mogelijkheid tot kamperen.
dag 11 acclimatisatiedag
Een rustdag om beter aan de hoogte te wennen of de mogelijkheid een wandeling te maken naar een mooi bergmeertje: de Narte Pokhari.
We bereiden ons zo goed mogelijk voor op de oversteek van de Rupina La, die morgen op het programma staat.
dag 12 over de Rupina La naar sneeuwkamp 4000 meter, 6½ uur lopen
In ongeveer 4 uur bereiken we de pas op 4680 meter. Het is een formidabele pas vanwaar de uitzichten groots zijn. De afdaling is steil, lang en moeizaam. Diep beneden je zie je de grote Chuling gletsjer waar we naar toe gaan. We kamperen op ongeveer 4000 meter.
dag 13 sneeuwkamp - bamboebos 3250 meter, 7½ uur lopen
Vandaag dalen we verder af. Het wordt een lange wandeldag met veel diversiteit in het landschap. Het landschap wordt langzaam minder kaal en we komen door schitterende lariks- en berkenbossen. We steken de morene van de Chuling-gletsjer over. Het is klimmen en klauteren, steenmannetjes wijzen ons de weg. We lopen nu langs de Chuling-rivier en het pad gaat op en neer met korte, steile stukjes. We komen in bamboe- en rododendronbossen. We steken veel zijriviertjes over, de bruggetjes zijn veelal primitief. We kamperen op een grote plek in een bamboebos.
dag 14 bamboebos - Ngyak 2450 meter, 6 uur lopen
Het pad volgt de berghelling. We komen door stukken bos, maar we hebben ook regelmatig uitzicht op het spektakel voor en achter ons. Voor ons verrijzen de 5 toppen van de Ganesh Himal en achter ons zien we de toppen van de Manaslu-keten. Ver beneden ons zien we de diepe kloof van de Buri Gandaki liggen. Aan het einde van de dag dalen we langs een steil stuk af naar Ngyak, een mooi, authentiek Gurungdorp.
dag 15 Ngyak - Deng 1900 meter, 4 uur lopen
Vandaag een wat rustige, korte dag na de lange wandelingen van de afgelopen dagen. Na Ngyak dalen we via een oud, moeilijk begaanbaar pad af naar de rivier. We komen nu en dan lokale mensen tegen die hout of stro naar boven dragen. De vallei van de Buri Gandaki wordt steeds smaller; het water buldert aan ons voorbij. Vlak voor Deng komen we op de route van de Rond Manaslu tocht. Op een grote plek aan de rivier maken we het kamp, een heerlijke plek om jezelf en eventueel wat kleding te wassen.
dag 16 Deng - boskamp (Suksam) 2270 meter, 4 uur lopen
Via een houten swingbridge steken we de Buri Gandaki over. We passeren vandaag een aantal dorpjes en veel gebedsmuren van gestapelde manistenen. In het Manaslu gebied wonen en werken zeer bedreven steenhouwers die het bewerken van stenen tot een ware kunst hebben verheven.
Via een mooie gebedsmolen in Ghap bereiken we de kampeerplek bij Suksam. Met een beetje geluk zien we de Langur apen spelen in de bomen. Als we vroeg zijn en iedereen heeft er zin in dan kunnen we nog een anderhalf uur doorlopen naar een mooi authentiek tibetaans boeddhistisch dorpje: Namrung.
dag 17 Suksam - Lho 3150 meter, 4½ uur lopen
We volgen het smalle rivierdal al stijgend tot het dorp Namrung. Vandaar wordt de vallei steeds breder waardoor er meer landbouw mogelijk is. Lho is een uitgestrekt dorp waar je een indruk krijgt van het dagelijks leven van de inwoners. Met helder weer kijk je ’s ochtends voor je tent tijdens de ‘morning tea’ uit op de top van de Manaslu.
dag 18 Lho - Sama 3350 meter, 4 uur lopen
We lopen vandaag via Syala naar Samagaon. De route voert eerst nog door het bos. In Syala heb je één van de mooiste uitzichten op de Manaslu, de Ngadi Chuli, de Manaslu North, de Himal Chuli de West Peak en de North Peak. De vallei wordt hierna zo breed dat het mogelijk zou zijn een vliegveld aan te leggen. Gelukkig (voor ons) is dat er nooit van gekomen. We kamperen in het dorp Sama of erboven bij het klooster. Hoogstwaarschijnlijk kunnen we hier een mooie rituele gebedsdienst bijwonen.
dag 19 rustdag of wandeling naar één van de basiskampen van de Manaslu
Voor iedereen die genoeg energie heeft, is het mogelijk mee te gaan naar één van de basiskampen van de Manaslu. De wandeling volgt het pad langs de rechterkant van de enorme Manaslu-gletsjer.
Er is ook de mogelijkheid tot het maken van een kort tochtje naar het gletsjermeer of het verkennen van het dorp Sama.
dag 20 naar Samdo 3800 meter, 3 uur lopen
Het is nog een kleine 3 uur naar het laatste dorp voor de grens met Tibet. In 1998 was er in Samdo een opgezette sneeuwluipaard te zien; een bewijs dat de welhaast mythische kat ook hier nog voorkomt`
dag 21 beklimming Samdo Peak 5100 meter, 6 uur lopen
De top van de Sama of Samdo Peak torent nog 1300 meter boven ons uit als we aan de klim beginnen. De klim loopt over grashellingen, alleen de laatste 100 meter gaan over steen en gruis en wellicht wat sneeuw. We passeren daar dan ook voor het eerst de 5000 meter grens en hebben vanaf de top een fantastisch zicht op de Manaslu I en de bergen plus passen die de grens met Tibet markeren. De top van deze berg bevindt zich op de rand van het gebied waarvoor we de speciale permit hebben. Terug in Samdo zijn we moe maar voldaan en ruim voldoende geacclimatiseerd voor de oversteek van de Larkya La.
dag 22 Samdo - Larkya La Phedi 4400 meter, 3 uur lopen
We doen het na gisteren rustig aan en lopen in 3 uur naar Larkya Phedi (base camp). Een schuilhut biedt daar plaats aan reizigers die over de pas heen komen.
dag 23 Larkya La - Bimtakothi 3720 meter over 5210 meter, 8-10 uur lopen
Alhoewel we al voldoende hoogtemeters achter de rug hebben, is de dag van de pas toch weer spannend. Zal het mooi weer zijn, ligt er sneeuw of niet ?
We stijgen heel geleidelijk eerst langs de gletsjer en later er overheen naar de gebedsvlaggen die de pas aangeven. Onderweg passeren we een aantal meertjes. Soms zijn ze bevroren.
Eenmaal bij de gebedsvlaggen blijkt dit niet het hoogste punt te zijn. Net om de bocht moet je nog 30 meter omhoog en daar heb je met mooi weer een prachtig zicht op de Annapurna keten met als meest prominente top de Annapurna II. De afdaling is lang en in het geval van sneeuw, vermoeiend en niet overal eenvoudig. Je krijgt steeds een nieuwe kijk op het machtige berglandschap.
dag 24 eventueel rustdag
Deze plek is zo mooi dat het houden van een rustdag na de pas zeker de moeite waard is.
dag 25 Bimtakothi - Tilje 2310 meter, 6 uur lopen
Eenmaal over de Dudh Khosi (melkrivier), die in dit geval zijn naam zeker eer aandoet, dalen we af door rododendronbossen. Het is een flink stuk lopen tot we bij de eerste nederzettingen komen; het zijn niet meer dan een paar huisjes naast elkaar. Tilje, waar we na een uur of 6 lopen aankomen, is eigenlijk het enige dorp in deze enorme vallei. Er is een oeroud klooster in het dorp. We kamperen in een boomgaard. Kinderen komen bier en frisdrank aanbieden.
dag 26 Tilje - Jagat 1440 meter, 6½ uur lopen
Na 1 ½ uur lopen zijn we in Dharapani en daarmee op de Rond Annapurna trail. Ineens kun je overal bier, cola en chocolade kopen en je kunt er zelfs naar Nederland bellen, het is even wennen na de eenzaamheid van de Manaslu vallei.
Alhoewel we stroomafwaarts lopen gaat het pad ook vandaag flink op en neer langs de bergwand. De dorpjes worden afgewisseld door bossen. Het wordt weer warmer en nadat we de tenten in Jagat hebben opgezet kun je bv. op een terrasje voor een lodge iets gaan drinken.
dag 27 Jagat - Bhulbule 1000 meter, 6 uur lopen
Na een paar uur lopen is er een flinke klim naar Bahundanda, een dorp boven op een bergkam die de vallei verspert. Bij Bhulbule komen we op de weg in aanleg die misschien ooit tot in Manang zal komen en waardoor je Rond Annapurna met de auto kan doen. ’s Avonds nemen we afscheid van de gidsen, de kok, de keukenhulpen en de dragers die de afgelopen weken met ons opgetrokken zijn.
dag 28 Bhulbule - Kathmandu 7 uur bus
We stappen in de bus en rijden door prachtig groen Nepalees heuvellandschap met een voldaan gevoel terug naar Kathmandu, in 6 tot 9 uur.
dag 29 Kathmandu
Extra dag om vertragingen te kunnen opvangen en/of om lekker bij te komen in het hotel in Kathmandu. Weer eens een warme douche, lekker op het terras thee drinken of de stad in.
dag 30 en 31 Kathmandu - Amsterdam
`s Avonds vertrek uit Kathmandu, de volgende dag komen we aan in Amsterdam.


















