Snel naar:
Vergelijkbare reizen:
Tell a friend
Pakistan | Snowlake trek: Van dag tot dag
Een opmerking vooraf
Het gaat hier om een avontuurlijke reis. Er zijn diverse factoren die onderweg onze reisplannen kunnen beïnvloeden, hoe goed de reis ook is voorbereid. Onderstaande reisbeschrijving geeft de hoofdlijnen van de reis weer. De reisleiding kan zich echter genoodzaakt zien om tijdens de reis verschuivingen in het geplande programma aan te brengen.
dag 1 Vlucht Amsterdam - Islamabad
Vertrek vanaf Amsterdam.
dag 2 aankomst Islamabad
Na aankomst op het vliegveld van Islamabad, de moderne hoofdstad van het land waar ook de regering zetelt nemen we onze intrek in een hotel.
Islamabad is de nieuwe, ruim opgezette hoofdstad van Pakistan, waar de regering huist. We overnachten in een airconditioned hotel, want het is heet in de zomer in Pakistan (42ºC).
Rawalpindi grenst direct aan Islamabad en is een echte grote bruisende Pakistaanse stad.
In 2010 zijn we direct na aankomst doorgevlogen naar Skardu, je hebt in dat geval een extra dag aan het einde van de tocht.
dag 3 Islamabad - Skardu vlucht
In ongeveer 1 uur vliegen we waar we normaal 2 dagen over zouden rijden. Direct na het opstijgen zien we de groene vlakte beneden ons overgaan in groene heuvels. Al vrij snel maken die plaats voor hogere bergen en dan komt de Nanga Parbat, de meest westelijke Himalaya 8000-er in beeld. Daarna worden de bergen kaal en de hoeveelheid gletsjers neemt toe. Het vliegveld van Skardu ligt in een desolate kale woestijn even buiten de stad.
Binnenlandse vluchten worden veelvuldig geannuleerd. Indien dat bij onze vlucht het geval is, gaan we met de bus naar Skardu (2 dagen rijden) en komen in de loop van de avond van dag 4 aan in deze stad.
dag 4 Skardu reservedag
Skardu is de hoofdstad van Baltistan. De mensen hier spreken klassiek Tibetaans, de enige erfenis uit de tijd dat men hier boeddhistisch was. De bevolking is een mix van Tibetanen, Mongolen en Darden. Het zijn Shia Moslims. Skardu is een groene oase in een woestijnachtige omgeving. In de nabijheid liggen zandheuvels.
Bij Skardu staan we aan de rand van de Karakorum, 150 kilometer bergen met 100 pieken van boven de 7000 meter met als toppers 4 van de 5 achtduizenders die Pakistan telt.
dag 5 Skardu - Thongol - Askole 8 uur jeep 3000 meter
Per jeep rijden we nu de Shigar vallei in. We passeren over een smalle weg een tiental dorpen. Met name wanneer we de Braldu vallei zijn ingereden zie je vrouwen met een hoofddeksel in Tibetaanse stijl versierd met schelpjes en munten.
Nabij Apaligon wringt de door slijk grijze Braldu rivier zich door een nauwe kloof. De weg is berijdbaar tot Thongol of Askole, de laatste dorpen in de vallei. Het komt regelmatig voor dat een landverschuiving de weg geblokkeerd heeft.
dag 6 Thongol - Askole - Namla 9 uur 3360 meter
Het is 12 of 13 dagen lopen naar Hispar, het eerstvolgende dorpje hier ongeveer 125 kilometer vandaan. Langs de snelstromende rivier loopt een prima pad, het eerste gedeelte van de trek loopt gelijk op met de K-2 trek tot aan Kisar Shaguran (het poloveld van Kesar). Daar gaat onze route noordwaarts, we zijn begonnen aan de Biafo – Hispar traverse!
Vanaf Thongol volgen we de hier en daar weggespoelde weg naar Askole. Voorbij Askole loop je verder over een pad en even later passeren we een rotspassage waarvan je een prachtig uitzicht hebt over de gehele vallei met in de verte de splitsing tussen de K2 en de Snowlake trekking.
Net naast een prominente rotspunt klimmen we naar een laag pasje. Je kijkt daar meteen neer op Biafo gletsjer, onze weg voor de komende week. De afdaling naar de gletsjer is steil, eenmaal op de gletsjer volgen we deze vlak naast de morene wand omhoog. Met of na regenval in combinatie met wind is een van de listigste passages van de trekking: let goed op voor de eventuele steenslag.
De vele zijgletsjers dwingen je naar het midden van de ijsrivier voordat we tenslotte aan de kant waar we er op kwamen er weer uitklimmen om onze kampeerplaats te bereiken. Het is een lange dag, 1300 meter klimmen en 825 meter dalen.
dag 7 Namlo - Shafon 7 uur 3990 meter
Vandaag nogmaals een lange dag. Door de steeds wisselende ijscondities zijn enkele van de vroeger populaire kampeerplaatsen niet meer te bereiken en zijn de dagafstanden flink toegenomen zoals vandaag het geval is. We verlaten het kamp en dalen meteen weer af naar de gletsjer. Het ijs is bedekt met middenmorenes waartussen kale stukken wit en blank ijs zitten. We lopen zoveel mogelijk over deze middenmorenes, de aanwezige stenen en het gruis zorgt ervoor dat je niet uitglijdt en je loopt comfortabel.
De pieken in het noorden behoren tot de Latok groep, machtige granieten bergen die in de 70-ger jaren allemaal beklommen zijn. Totaal 850 meter klimmen en 300 meter dalen.
dag 8 Shafon - Baintha 2 uur 4050 meter
Vandaag een ontspannen wandelochtend. Nadat we langs een klein meertje zijn gelopen komen we al snel bij de kampeerplaats. Iets verderop ligt op de afslag naar het Latok basecamp.
Achter ons kamp is de 5300 meter hoge Baintha Peak die zelfs voor de gewone wandelaar te doen moet zijn. Tegenover ons, aan de overkant van de gletsjer is de Ho Brak, met 5364 meter net iets hoger.
Dit kamp heet ook wel het Conway’s Camp, niet de eerste westerling die het Snow Lake gezien heeft, maar degene die het in 1892 zijn naam gegeven heeft.
dag 9 acclimatisatie dag Baintha 4050 meter
We blijven vandaag in dit kamp om te acclimatiseren. We zijn boven de 4000 meter en het is verstandig om je lichaam de tijd te geven zich aan te passen aan de lagere zuurstofdruk, hogerop tijdens de oversteek van de Hispar La zul je plezier hebben van deze tijdsinvestering. Mocht je conditie het toelaten dan kun je natuurlijk ook samen met de gids een wandeling in de omgeving van het kamp maken. We kunnen vandaag oefenen met de stijgijzers, pickels en het lopen als groep in het touw.
dag 10 Baintha - Nakpogoro 5 uur 4300 meter
Na ¾ uur langs de gletsjer in de vallei naast de zijmorene te hebben gelopen (waar zelfs beren schijnen voor te komen) moeten we over een lastig stuk met veel spleten weer op het centrale gedeelte van het ijs komen. Mocht er sneeuw liggen dan lopen we vandaag voor het eerst aan het touw.
Om bij de kampeerplek te komen moeten we weer van de gletsjer af om bij in ablation vallei te komen. In principe kamperen we bij Nakpogoro. Het voordeel van deze plek is het kleine stroompje, vanaf morgen zijn we een paar dagen afhankelijk van smeltwater op de gletsjer zelf. Totaal 350 meter klimmen en 125 meter dalen.
dag 11 Nakpogoro - Karpogoro 6 uur 4600 meter
Na de bekende ochtend hobbel tussen de spleten en het klauteren over de keien komen we weer op het witte en vlakke gedeelte van de gletsjer. We naderen het Snowlake nu snel en het kan zijn dat we vandaag al aan touw moeten. In sneeuwrijke jaren zijn de spleten hier al bedekt en is het niet meer veilig om `los` te lopen, de spleten worden ook steeds breder.
Ons kamp ligt tot op het laatste ogenblik verscholen achter de morene van een zijgletsjer. We kamperen op een rotsgraat die gedeeltelijk deel uit maakt van de gletsjer en het is een hele klus om voldoende enigzins vlakke plekken te vinden en te maken om al onze tenten kwijt te raken, onze Pakistani dragers assisteren ons daarbij enthousiast. Vanmiddag keren er waarschijnlijk al heel wat van deze dragers terug naar Thongol en Skardu.
Vanuit je tent word je beloond met een prachtig uitzicht over de gletsjer en de omringende bergen. Morgen gaan we dan eindelijk het Snowlake op! Totaal 475 klimmen en 200 meter dalen.
dag 12 Karpogoro - Snow Lake Hispar La BC 4845 meter 5 uur
Zigzaggend tussen de gletsjerspleten lopen we aan het touw naar het punt waar de Simganga gletsjer en het Snow Lake samenkomen. Hier op 4845 meter hoogte is het Hispar La basecamp te midden van de enorme bergen. Het ijs schijnt 1 ½ kilometer dik te zijn!
Noordwaarts over het Snow Lake (geschatte grootte 770 km²) kun je de Khurdopin pas van 5790 meter hoogte oversteken naar de Shimshal vallei.
Mochten de weersomstandigheden zo zijn dat we hier onze acclimatisatiedag ‘opnemen’ dan kunnen we het Snow Lake zelf bewandelen in de richting van deze pas (dit moet dan natuurlijk wel in een touwgroep). Totaal 300 meter klimmen en 80 meter dalen.
dag 13 Hispar La BC - Hispar La (5150 meter) - Khani Bassa 4510 meter 9 uur
De spannendste en meest uitdagende dag. We vertrekken nog voordat de zon op onze kampeerplaats schijnt, zo vroeg is de sneeuw nog bevroren en zakken we er zo min mogelijk doorheen. Voor de veiligheid lopen we vandaag veel stukken aan het touw en dat betekent dat de groep niet sneller loopt dan de langzaamste van de groep. De hoeveelheid spleten staan het niet toe dat je er op je eentje er vandoor gaat. Ook vandaag is de stijging geleidelijk, het loopt gemakkelijk, al speelt de hoogte natuurlijk wel een rol. Conway, een man van grote woorden, beschreef het zicht vanaf de pas als volgt: “beyond all comparison the finest view of mountains it has been my lot to behold”.
De pas zelf is bijna vlak, 2 ½ kilometer loop je over de ijsvlakte voordat je aan de afdaling naar de Hispar zijde begint. Deze kant is steiler in vergelijking met de Biafo, en de gids doet zijn best om de gemakkelijkste route tussen de spleten te vinden. 2 ½ uur na het begin van de afdaling wordt het ijs vlakker en zijn er minder spleten, mochten we laat zijn dan kunnen we eventueel hier ergens op het ijs zelf de tenten opzetten.
Bij Khani Bassa, een kleine kampeerplek net voor de oversteek van de gelijknamige gletsjer, kunnen we weer op het gras van een ablation vallei staan. Totaal 450 meter klimmen, 700 meter dalen.
dag 14 Khani Bassa - Shangal 4330 meter 6 uur
De oversteek van de Khani Bassa gletsjer duurt zeker 1 uur. Eenmaal weer op de zijmorene is het gemakkelijk lopen, we dalen heel geleidelijk met uitzicht op de gletsjer en de pieken aan de overzijde van de vallei. Het pad wil wel eens door lawines bedolven worden, mocht het onbegaanbaar zijn dan dalen we af naar de gletsjer en lopen over het ijs. Totaal 300 meter klimmen en 180 meter dalen.
dag 15 extra dag
Extra dag ingeval van vertraging of slecht weer, of extra nodig ter acclimatisatie voor de pas!
dag 16 Shangal - Shiqam Baris 4150 m 7 uur
De oversteek van de Yutmara gletsjer kost minimaal 3 uur voor de 2 km dat de gletsjer breed is. De morene wanden zijn dermate stijl geworden dat het veel tijd kost om een goede route te vinden.
Eenmaal weer omhoog geklommen wordt het pad veel beter en lopen we over de groene weides naar de lunchplek bij het eerste stroompje. Daarna wordt het pad heel erg goed en je gaat op en neer door de groene met bloemen bezaaide morene valleien. Het zicht naar de pas en richting Hispar village is en blijft spectaculair. Onze kampplek is bij Shiqam, een brede zijvallei met grazende yaks. Het kamp staat net over de wildstromende en troebele rivier heen, een mooie afsluiter van deze dag.
Het uitzicht op de bergen tegenover doet je denken aan de Kanchenjunga, een werkelijk fantastische bergwand vol met gletsjers.
dag 17 Shiqam Baris - Bitanmal 3850 meter 6 uur
Na ongeveer een kwartier kom je bij de eerste gletsjer die je moet oversteken. Het pad van de morene af is gevaarlijk steil, zo steil dat we een touw moeten gebruiken om af te dalen. Al met al kost deze oversteek meer dan 2 1/2 uur, iedereen gaat om de beurt naar beneden. Ook de klim weer tegen de andere wand op kost tijd. Daarna wordt het pad weer makkelijker totdat je bij de volgende gletsjer komt. De afdaling is betrekkelijk gemakkelijk, de klim eruit, ongeveer 80 meter omhoog, is dat niet.
Eenmaal boven loopt het pad over mooie weides die allemaal droog staan, ongeveer een half uur voor de kampeerplek kom je bij het eerste stroompje.
We dalen nog een beetje af en komen dan bij Bitinmal, een grote kampeerweide met een stroompje. Totaal 280 meter klimmen en 530 meter dalen.
dag 18 Bitanmal - Hisper 3280 meter 10 uur
Een lange, zo niet de langste dag van de trekking. Het kost meer dan 6 uur om om de verbrokkelde gletsjer heen te lopen en weer op het goede pad te komen. Eenmaal terug op het juiste pad zijn we snel bij de lunchplek. Daarna is het nog 3 uur lopen naar Hispar.
Hispar dorp is niet echt bijzonder, de camping gelukkig wel! Het is een prachtige plek met gras en omringd door bomen. Totaal 470 klimmen en 1070 meter dalen.
dag 19 Hisper - jeeppoint 3 uur, jeep Karimabad 2770 meter Hunza vallei 2 uur
Naar alle waarschijnlijkheid is de weg naar Hispar niet landslide vrij. We lopen het eerste stuk tot aan de plek waar de jeeps kunnen komen en rijden naar de Hunza vallei en Karimabad. Het is een spectaculaire rit langs afgronden en later door oase achtige dorpjes, je bent hier echt in Centraal Aziè.
De hoogste berg in de vallei is de Rakaposhi, met z`n 7788 meter net geen achtduizender. Vanaf het terras van het hotel heb je een machtig uitzicht over de vallei en deze berg.
dag 20 en 21 Karimabad rustdag, excursie(s)
Karimabad is een aangename plaats om even uit te rusten van de trekking, de bevolking volgt een liberale vorm van de Islam. Je kunt lekker op het terras van het hotel, met uitzicht op de loodrechte wand van de Spantik, een goed boek lezen of op je gemakje eens de straten van het bergstadje rondkuieren, het oude fort bekijken, of toch nog een flinke wandeling maken naar Ultar base camp.
dag 22 Karimabad - Gilgit
Rit naar Gilgit, we overnachten hier in een prachtig hotel.
dag 23 Gilgit vlucht naar Islamabad
Binnenlandse vluchten in Pakistan, met name in de bergen zijn nogal onzeker. Door slecht weer, overboekingen e.d. kunnen vluchten worden geannuleerd. Mochten we vandaag niet kunnen vliegen dan nemen we de bus naar Rawalpindi over de Karakoram Highway. We komen dan in de loop van de volgende dag aan.
dag 24 extra dag
Extra dag ingeval van annulering binnenlandse vlucht. We rijden dan van Chilas naar Islamabad. Als alles goed is gegaan dan hebben we hier nog een volle dag te besteden. Afhankelijk van de algehele politieke situatie kunnen we een keuze maken uit diverse excursiemogelijkheden.


















