Home Diashows Reisboekenshop Contact> Mijn HT
Vragen? Bel ons op 0522 241146

Deze pagina afdrukken Individuele wandelreis India | Changtang & Pangong Tso
Van dag tot dag

Een opmerking vooraf

Het gaat hier om een avontuurlijke reis. Er zijn diverse factoren die onderweg onze reisplannen kunnen beïnvloeden, hoe goed de reis ook is voorbereid. Onderstaande reisbeschrijving geeft de hoofdlijnen van de reis weer. De gids kan zich echter genoodzaakt zien om tijdens de reis verschuivingen in het geplande programma aan te brengen.

dag 1 aankomst in Leh

Deze dag kom je vanuit Delhi met een vlucht aan in Leh of je bent al in Leh.

dag 2 t/m 4 Leh

Je begint heel rustig aan de verkenning van het hoofdstadje van Ladakh. Het sfeervolle marktstadje Leh met z`n kruip door sluip door achterstraatjes, was ooit een belangrijke halteplaats voor handelaren van en naar de zijderoute. De stad ligt bezijden de Indus rivier en ligt op een hoogte van 3510 meter en heeft 20.000 inwoners. Op de heuveltoppen rond Leh - het centrum van het wereldlijke - zijn in de loop van de tijd diverse kloosters gebouwd, die als trotse theocratische burchten het landschap domineren. Je kunt –facultatief- één of meer van deze belangrijke kloosters bezoeken zoals dat van Thikse, Hemis, Alchi of Likir.  In Leh staat een interessant centrum voor ecologische ontwikkeling. Er zijn diverse demonstratie- en scholingsprojecten gericht op het gebruik van kleinschalige cultuur, eigen technieken en vernieuwbare energie bronnen. 
Je overnacht in een gemoedelijk guesthouse niet ver van het centrum. Je hebt drie dagen de tijd om Leh en omgeving op je gemak te verkennen. In die tijd kun je ook al aardig aan de hoogte wennen. Dit is heel belangrijk omdat je op de trek vrij snel aan hoogte wint.

dag 5: start trek, van Leh naar Sabu Phu

Vanuit Leh word je met jeep naar een vallei gebracht vlak buiten Leh zelf. Over een pas van ongeveer 4100 meter hoogte loop je naar het bovenste deel van het dorp Sabu. Op 3900 meter wordt het kamp opgeslagen. De paarden zullen de volgende ochtend komen om de bagage verder te vervoeren. Tot hier is de bagage met een jeep gebracht. Geschatte wandeltijd: 4 tot 5 uur.

dag 6 Sabu Phu naar Sabu Pullu 3 uur

De tweede dag van de trekking. Vanaf de kampeerplaats Sabu Phu op 3900 meter stijg je door een vallei van graniet, veel morenemateriaal en grote zwerfkeien langs een steeds smaller beekje. De omgeving wordt droger en kaler. Vroeger moeten hier veel gletsjers hebben gelegen. Onderweg zie je waarschijnlijk Himalaya-marmotten. Je kampeert op een hoogte van ongeveer 4650 meter langs de rivier: Sabu Pullu. Het is een hele mooie plek met een magnifiek zicht op de bergen van Zanskar in het zuiden. Deze dag loop je ongeveer 3 uur, waarbij je het rustig aan doet vanwege de hoogte.

dag 7 acclimatiseren

Vandaag is er een acclimatisatiedag op 4650 meter. Wie zin heeft en geen last heeft van de hoogte kan er op uit in de vallei die noordelijk loopt. Wie moeite heeft met de hoogte blijft vandaag in het mooie kamp en doet het rustig aan.

dag 8 Sabu Pullu via Digar La basecamp naar Digar Phu, via de Digar La, 6-7 uur lopen

Vanaf het kamp klim je verder en komt na ongeveer 1 uur langs de verlaten herdershutten van Sabu Phulu. Een half uurtje verder steek je een klein stroompje over.
Het is nu nog 1 uur verder klimmen over stuwwallen van een vroegere gletsjer tot je het 51000 meter hoge basiskamp van de Digar La pas bereiken. Vanaf dit basecamp is het dan nog een anderhalf uur over een zigzagpad (in juni in de sneeuw) naar de Digar La op 5400 meter. Hoog op de bergkam kun je de gebedsvlaggen al zien wapperen.  De ijle lucht op deze hoogte doet zich voelen en alles gaat nu moeizaam. Na ongeveer drie en een half uur klimmen is het achter de steenhopen op de pas welverdiend uitrusten met fantastische zichten op de noordwaarts gelegen witte toppen van het Karakoram gebergte en het Zanskar gebergte in het zuiden. Je daalt in ongeveer twee en een half uur af naar de eerste mooie kampeerplek, zomerweiden van de mensen uit het dorpje Digar. Een dag van 6 uur.

dag 9 Digar Phu naar Digar 3950 meter, 3 uur lopen

Je daalt verder af over wat men in Ladakh de “phu” noemt: hoge graslanden waar herders de zomer met hun kudden doorbrengen. Heel kenmerkend zijn de kleine huisjes van de herders, omringd door bergen yakmest, die als brandstof wordt gebruikt. Deze herders, drokpa’s, zijn zeer gastvrij en het kan gebeuren dat ze je uitnodigen om in hun groezelige huisjes een kopje zoute boterthee te komen drinken. Al spoedig krijg je de eerste velden van het dorpje Digar (3950 meter) in zicht en passeer je vele stupa’s en manimuren (gebedsmuren). Deze markeren steeds de toegang tot dorpjes en dienen om boze geesten en slechte invloeden op afstand te houden. Oostelijk van het dorp zie je langs de kliffen van de diep ingesneden Digar rivier een mooi voorbeeld van beginnende aardpiramide-vorming als gevolg van erosie in het gesteente. Na ongeveer 3 uur lopen bereik je Digar. Je luncht in het dorp en zetten het kamp op op het "schoolplein". Daarna heb je de rest van de dag de tijd om het dorp eens goed te bekijken. De mensen zijn heel nieuwsgierig en gastvrij en je kunt het kleine kloostertje met een metershoge in een grote rots uitgehakte Maitreya Boeddha, de Boeddha van de toekomst, bezoeken.

dag 10 Digar naar Tangyar 3830 meter, 4 uur lopen

Vanuit Digar daal je af in een nauwe kloof. Onderweg krijg je een goed gevoel wat betreft de enorme ruimtes waar je door heen loopt. Omsloten door bergketens met besneeuwde toppen, terwijl je beneden je in de diepte kun kijken.  Men is hier begonnen met het aanleggen van de weg. Op de dalbodem stroomt een rivier en het water wordt gebruikt om de vlakke stroken ernaast te bevloeien. Het gevolg is een oogverblindend groen dal met schitterende bloeiende struiken erlangs. In een loodrechte wand van zandrots ligt een roodbruine kluizenaarswoning geplakt. Nadat je de brug bentn overgestoken begint de weg weer te stijgen en langzaam klim je weer naar een hoogte van ongeveer 3830 meter naar de kampeerplaats van het dorpje Tangyar. De weg zelf gaat verder over de Wari La pas naar de Indus Vallei. De mensen hier zijn goedgemutst en gaan hun eigen eeuwenoude gang. Tegen de avond is er het tafereel van de beesten die naar binnen worden gehaald en voor die tijd kun je het kleine maar fijne kloostertje bezoeken dat hoog boven het dorp is gebouwd.

dag 11 Tangyar naar Djukthi op 4500 meter, 3 uur lopen

`s Ochtends loop je door het dorp weer omhoog. Je ziet nu dat de beesten, yaks, koeien en geiten, uit de huizen weer worden verzameld om samen met een herder op de hogere weiden te gaan grazen. Je loopt verder omhoog door een steeds drogere en stenige vallei. Je ziet weer sneeuwtoppen en maakt voor de lunch alweer kamp op een fraaie plek. Wie energie over heeft kan hier een mooie middagwandeling maken in een zijvallei naar boven de 5000 meter. Ook in het kamp kun je je prima vermaken met een wasbeurt in de heldere rivier of met een mooi boek.

dag 12 Djukthi naar Sonpana basiskamp 5000 meter, 3 uur lopen

Gestaag klim je door de Lazun vallei naar het basiskamp Sonpana (4990 meter), een goed uitgangspunt voor de beklimming van de Nebuk La morgen. Een tocht van 3 uur. Ook deze kampeerplaats ligt schitterend en je kunt `s middags prachtige tochten maken in de omgeving naar mooie uitzichtspunten of een zijvallei. Als de Nebuk La is besneeuwd hebben de paardenmannen en de gidsen vanmiddag de tijd om het pad voor de paarden te prepareren.

dag 13 Sonpana basiskamp naar Rale, via de Nebuk La, 5 uur lopen

Na zo’n 2 uur klimmen moet je de Nebuk La (5400 meter) wel kunnen bereiken. Wanneer je aan de klim bezig bent, kun je je misschien voorstellen dat het met sneeuw met name voor de paarden vanwege de steilte van de hellingen een behoorlijk uitdaging is. De pas zelf is breed en zanderig. Een enorme vallei ligt aan je voeten. Langzaam daal je af in dit grootste  en lege landschap. Het is nog ongeveer 3 uur afdalen naar het dorpje Rale (4400 meter).  Het laatste stuk volg je de rivier met hier brede oevers met dik en groen gras. Deze weide gronden worden speciaal gebruikt om jonge dieren veel te kunnen laten eten zodat ze voorspoedig opgroeien. In Rale zijn er een paar huisjes en je hebt zicht op de witte pieken van het Shyok massief.

dag 14 Rale naar Darbuk, transfer naar Pangong Tso (Tso=meer in het Tibetaans)

Vanaf Rale daal je in eerste instantie geleidelijk af en verderop wordt het steiler. Je belandt in een klovenlandschap dat aan Zanskar doet denken. Helemaal beneden wacht een flinke rivierdoorwading. Mocht dat vanwege teveel water een te moeilijk opgave blijken dan zul je 2 uur moeten omlopen om bij de weg te komen. Het water is echter niet echt koud en het is, eventueel gebruik makend van een touw een mooi spel met waterkracht en evenwicht om voetje voor voetje de overkant van de rivier te bereiken. Een andere mogelijkheid is om te paard de rivier over te steken. Tot aan Darbuk ben je dus 3 tot 5 uur onderweg. Darbuk is een vrij groot dorp waar de invloed van de mens al weer veel groter is. Er zijn militaire kampen en seizoensrestaurants. De paarden en paardenmannen lopen naar de plaats waar je ze morgen weer zult zien en je stapt in de jeep. Hoewel er nu een beetje een onderbreking is van de trektocht, is dit deel van de tocht toch heel erg de moeite waard. Je rijdt in ongeveer 2 uur door een surrealistisch landschap met enorme rotswanden in verschillende geel en bruintinten naar het beroemde meer Pangong Tso. Het knalblauwe water steekt fraai af tegen de felle kleuren van de bergen.  Je overnacht op een soort echte camping aan het meer in de nederzetting Spangmik op 4300 meter. Enkele tientallen kilometers verderop ligt de omstreden grens met China/Tibet, dus verder mag je niet.

dag 15 Transfer naar kamp bij Taruk, via Shashukul Gompa

‘s Ochtends is er eerst nog gelegenheid om even bij het meer te genieten van de rust. Je kunt ervoor kiezen hier nog een leuk stukje te wandelen. Later op de ochtend rijd je dan naar het prachtige Shashukul Gompa (“gompa” betekent “klooster” in het Ladakhi), dat je bezoekt. Het is dan nog een klein stukje terugrijden naar Taruk (4060 meter). Waar het kamp is bij de rivier een stuk hoger dan het dorp.

dag 16 naar Shachukul Phu

Je gaat vandaag rustig verder omhoog door de Taruk vallei. Het is een klim van ongeveer 4 uur naar de volgende prachtige kampeerplaats. Hier kampeer je naast de rivier en vlakbij een zomernederzetting. De mensen zijn overweldigend qua eenvoud, vriendelijkheid en gastvrijheid. Je bent hier op de splitisng van de vallei. Linksaf gaat het naar de Shera La, rechtsaf naar de Ke La. Welke je gaat doen hangt af van o.a. de sneeuwomstandigheden en het weer. De Ke La is moeilijker voor de paarden.

dag 17 naar basiskamp de Shera La

Je stijgt vandaag verder langs de rivier. De omgeving met majestueuze bergen is buitengewoon mooi.  Je maakt kamp op 5150 meter. Van hier kun je de pas al bijna zien in de steile bergwand ten westen van je. Idyllische plek, maar `s nachts koud!

dag 18 naar Shera Phu over de Shera La, 5610 m

Na het ontbijt in een koude tent begin je aan de klim naar de pas. In eerste instantie loopt het nog vrij glooiend omhoog maar na een uurtje wordt het terrein steiler. Technisch niet moeilijk maar door de hoogte toch wel een beetje moeizaam. Dan nog 1 uur over rotsige en stenige bobbels en vervolgens nog 1 uur langs de bergwand omhoog. Hier ligt het pad voor het grootste deel van de dag in de schaduw dus de kans dat er een laag ijs op het pad is is vrij groot. De paardenmannen hebben hun handen er aan vol om het pad begaanbaar te maken voor de lastdieren. Bovenop: gebedsvlaggen en een prachtig zicht naar het zuiden: de hooglanden van Changtang en Rupshu. De afdaling gaat trapsgewijs soms bijna vlak dan weer vrij steil. Bijna 1000 meter lager kampeer je aan een riviertje op een mooie yakweide en omgeven door reuzenmarmotten.

dag 19 naar Leh

Na korte tijd kom je `s morgen bij een dorp. Er is al wat leven in de brouwerij want de geiten moeten de bergen in om te grazen. Je loopt rustig door het dorp met de verspreid liggende huizen en hier en daar een chorten en een mani-muur. Na ongeveer 2 uur lopen kom jebij de weg waar de jeep je komt ophalen. Dan is het nog een paar uur hobbelen. Via de Indus vallei rijd je naar Leh.

dag 20 dag in Leh

Even tijd voor jezelf, om lekker bij te komen. Je kunt de was doen, wat slenteren door het stadje, internetten, e-mailen of je laten verwennen met een ayurvedische massage, lezen of ‘s avonds vanaf het dak van de lodge naar de sterren kijken.

dag 21

Vertrek uit Leh / Einde programma

Bookmark and Share
WANDELVAKANTIES, TREKTOCHTEN EN EXPEDITIES
HT Wandelreizen | Ten Have 13 | 7983 KD Wapse | tel. 0522-241146 | email: info@htwandelreizen.nl

Website door Zaphyrion SitemapPrivacyverklaring
htwandelreizen.nl maakt gebruik van cookies. Met cookies wordt de website persoonlijker en gebruiksvriendelijker.Akkoord