Home Diashows Reisboekenshop Contact> Mijn HT
Vragen? Bel ons op 0522 241146

Deze pagina afdrukken Rondreis MongoliŽ | KhŲvsgŲl en Khangai Nuruu
Van dag tot dag

Een opmerking vooraf

Het gaat hier om een avontuurlijke reis. Er zijn veel factoren die een reis door Mongolië kunnen beïnvloeden.  Daardoor is een strakke planning van de reis doorgaans een utopie. Zo zijn de vluchtschema`s van de binnenlandse vluchten vaak aan wijzigingen onderhevig. Ook hebben de vervoermiddelen, doorgaans Russische jeepbusjes, veel te lijden van de zeer slechte wegen. Er moet rekening gehouden worden met oponthoud door noodzakelijke reparaties van voertuigen. Onderstaande reisbeschrijving geeft de hoofdlijnen van de reis weer. Het kan noodzakelijk zijn om tijdens de reis verschuivingen in het geplande programma aan te brengen. Dit betekent dat de reisleiding kan besluiten onderdelen van het hier beschreven reisprogramma in te korten of zelfs te laten vervallen. 

Dag 1 en 2 Amsterdam-Ulaan Baatar

Vertrek uit Amsterdam en via Berlijn, Moskou of Beijing vliegen we naar Ulaan Baatar de hoofdstad van Mongolië. Op dag 2 komen we daar aan. We worden opgehaald door onze Mongoolse agent die ons naar het hotel brengt. In de middag is er tijd om geld te pinnen/wisselen en de stad alvast wat te verkennen.

Dag 3 Dagprogramma in Ulaan Baatar

Vandaag is er tijd om even te wennen aan het tijdsverschil. Rustig aan dus. We gaan verschillende bezienswaardigheden in Ulaan Baatar bekijken. Eerst brengen we een bezoek aan het Gandan Klooster, het grootste en beroemdste nog in gebruik zijnde klooster van Mongolië. Hier zien we misschien Boeddhistische Lama’s bidden en kunnen we ook het zeer grote gouden Boeddha beeld van Megjid Janraisig zien. Daarna kan een bezoek gebracht worden aan het National Museum of Mongolia, waar de bewogen geschiedenis van het land via diverse invalshoeken op een aantrekkelijke manier toegankelijk is gemaakt. Het nabijgelegen Museum of Natural History zal waarschijnlijk vanwege grootschalige renovatie nog gesloten zijn. Met onze gids kunnen we bespreken of we die dag nog andere bezienswaardigheden willen zien of dat we dat uitstellen tot na de reis door Mongolië. Als de groep daarvoor kiest kan voor de avond een tafel gereserveerd worden in het restaurant `Nomad`s City` waar we tijdens het diner kunnen genieten van `throat singing`. Deze keelzang is een van de meest mysterieuze kunsten in Mongolië. Een heel moeilijke manier van zingen die alleen door Mongolen wordt beheerst.

Dag 4 Vlucht naar MŲrŲn

Met een binnenlandse vlucht reizen we naar Mörön in het noorden van Mongolië. Als het een rechtstreekse vlucht is arriveren we daar na minder dan een uur vliegen.  Maar het kan zo zijn dat het vliegtuig eerst helemaal naar het westen van Mongolië vliegt om vervolgens via een tussenstop in Mörön terug te vliegen naar Ulaan Baatar. Omdat je niet hoog vliegt krijg je, bij helder zicht, wel een mooie indruk van de verschillende landschappen van dit grote  land. Niet ver van het vliegveld van Mörön richten we ons kamp in bij Uushigiin Uver, op loopafstand van de ‘deer stones’, een wonderlijke verzameling rechtopstaande grafstenen. De naam komt van de in de stenen gegraveerde afbeeldingen van herten. Mogelijk zijn deze grafstenen hier al 3000 jaar geleden door nomaden geplaatst.

Dag 5 Rit richting Hadart Vallei en Ulaan Uul

Op deze reis door het weidse Mongoolse landschap is het onvermijdelijk dat er hele dagen in de busjes gereisd wordt. We proberen op deze reisdagen wel zo veel mogelijk te starten met een korte wandeling. Na het ontbijt en het inpakken van de bagage en de tenten kan de groep alvast gaan lopen, terwijl de Mongoolse staf de rest van het kamp opbreekt. Als zij klaar zijn vertrekken ze met de busjes en pikken de deelnemers langs de route op. Het is een lange rit naar het startpunt van de eerste trekking. Voor de zekerheid trekken we daarom anderhalve dag uit voor deze rit met de, overwegend, Russische voertuigen. Er is dan onderweg nog genoeg tijd om te pauzeren, foto`s van de omgeving te maken en te lunchen. We kamperen in de buurt van het plaatsje Ulaan Uul.

Dag 6 Naar het startpunt van de eerste trek

Het startpunt van de trekking ligt enkele uren voorbij Ulaan Uul. Daar zullen we de paardenman ontmoeten, die samen met zijn collega`s ons de komende dagen zal begeleiden. We rijden door een heel gevarieerd, typisch Mongools landschap. De rit door dit deel van Mongolië is prachtig: golvende groene heuvels met hier en daar wat bos, een meer en een paar ronde nomadententen (in het Mongools: ger; in het Russisch: yoert). Hoe noordelijker we komen des te meer bossen het landschap gaan domineren. Na Ulaan Uul hebben we een prachtig zicht op de besneeuwde bergen van de Ulaan Taygaa. We laten de busjes achter en alles wat we op deze trek nodig hebben, inclusief onze eigen bagage wordt op de paarden geladen. Denk eraan je spullen waterdicht te verpakken! De trek begint rond het middaguur.

Dag 7 Op zoek naar de Tsataan

De beschrijving van de komende vijf dagen is die van een reis, die HT reeds verscheidene keren in dit gebied gemaakt heeft. Onderstaande tekst geeft een indruk van wat je kunt beleven, maar de kans is groot dat elk jaar een wat andere route gekozen moet worden om de Tsataan te vinden. Deze nomadische families verplaatsen zich steeds met hun rendierkuddes, op zoek naar voedsel. De paardenmannen weten gewoonlijk waar de Tsataan zich bevinden. We zullen er alles aan doen om deze bijzondere stam te ontmoeten. Tijdens de Sovjet tijd, heeft de Mongoolse regering besloten dat de Tsataan – de rendiermensen – op één vaste plaats moesten wonen en hebben toen dorpjes voor hen aangelegd. Echter, geen van de rendierherders vond dit een goed idee; de Tsataan zijn gevlucht en nooit meer teruggekeerd naar deze huizen. Aan het begin lopen we over vlak terrein langs een rivier, maar gaandeweg wordt Het terrein wordt  steiler en soms is er geen duidelijk pad meer. De route die we volgen wordt bepaald door de verblijfplaats van de Tsataan. Maar hoe de tocht ook precies verloopt, altijd zijn er dezelfde ingrediënten: bergen, lariksbossen, rivieren, open weidegronden, weidse valleien en bergen op de achtergrond. De gemiddelde looptijd op een dag ligt tussen de 5 en 6 uur.

Dag 8 Vervolg van de zoektocht

De trek vandaag gaat door wat moeilijker terrein, het landschap is schitterend. We trekken een pas over en komen in het gebied waar het rendiervolk in de zomer rondtrekt. Er kan hier en daar nog sneeuw en ijs liggen. We zullen de paardenmannen soms moeten helpen bij het begeleiden van de paarden door het dichte bos, anders lopen ze met hun brede bepakking vast in de struiken. Na de pas volgt een stuk kaal grasland dat nogal moerassig blijkt te zijn. Als het goed is komen we aan bij de plaats waar de Tsataan hun kamp hebben opgeslagen. Op een honderd meter van de eerste tipi’s vandaan gaan we eerst eens rustig zitten. Voor ons ontvouwt zich een tafereel dat heel erg doet denken aan historische plaatjes van kampen van Noord-Amerikaanse Indianen. Een stuk of vijf, zes grote (doorsnee 5 - 6 meter) wigwamvormige tenten, tipi’s, staan op een grote open plek aan de heldere rivier. Tientallen rendieren liggen vastgebonden in rijen naast de tipi’s. Geiten, schapen en paarden lopen los. Hier en daar scharrelen mensen rond, bezig met de beesten of met het verzamelen van brandhout. Onze Mongoolse gids gaat vooruit met wat kleine geschenken om ons bezoek te melden en te vragen of het goed is dat we, op gepaste afstand, kamp maken. Na wat plichtplegingen over en weer zetten we dan de tenten op.

Dag 9 Verblijf bij de Tsataan

Vandaag hebben we de tijd om in alle rust de bezigheden van de Tsataan gade te slaan. In alle vroegte gaan de jongemannen er op uit met de kuddes om goede graasgronden op te zoeken. Het kamp loopt leeg terwijl de vrouwen en kinderen, wat oudere mensen en de hoofdman achterblijven. De kinderen laten ons graag zien wat je met de rendieren kan doen zoals bijvoorbeeld melken of erop rijden. In de loop van de dag raakt men wat meer aan ons gewend en in kleine groepjes worden we uitgenodigd om en kijkje te nemen in de tipi’s. 

Uit een verslag van een eerder door HT uitgevoerde reis: 
De hoofdman blijkt ook sjamaan te zijn, iemand die de kontakten met de hogere machten onderhoudt. Als we vragen of hij iets wil laten zien of iets wil uitleggen, is hij terughoudend. We praten en vragen honderduit over hoe het leven er uitziet en hoe men kans ziet om hier te overleven. Wat moeten die mensen een heel andere kijk op het leven hebben dan wij. Wij hebben ons thuis omringd met alle denkbare luxe die je maar kunt verzinnen en onze wereld draait steeds maar sneller met alle media- en informatiestromen: TV, facebook, computers etc. De rendiermensen leven met de seizoenen en het enige comfort dat ze hebben is een klein houtkacheltje, dat in de winter de - 40 graden C  draaglijk moet maken. Dat vinden ze zelf geen probleem. Bij – 25 graden C wordt er soms ook nog wel eens verhuisd naar een andere plek. Zolang het dan maar niet waait is er geen probleem. 

Er lijkt ook geen vrees te bestaan voor ziektes en pijn: de kruidenman/sjamaan heeft voldoende kennis van het woud om voor elke kwaal een remedie te hebben. Alleen de beloftes, die niet waar worden gemaakt door de politici die eens in de zoveel jaar langskomen vlak voor verkiezingen, zit de mensen dwars. Voor de meeste deelnemers is het een nogal confronterende ervaring, die  je aan het denken zet over hoe jezelf in het leven staat en dat vormgeeft. Het geeft mooie momenten van uitwisseling van gedachten.

Dag 10 Vervolg van de trek

In de loop van de morgen nemen we afscheid van de mensen die ons nog lange tijd nawuiven. We trekken de schoenen uit, waden de ijskoude rivier door en vervolgen onze weg berg op en berg af. Het pad is soms modderig, maar de omgeving is spectaculair. Mooie bergmeertjes, een vallei met grashellingen aan de ene kant en naaldwoud aan de andere kant. In de verte liggen hoge bergwanden, die steeds kaler worden. We komen geen mensen meer tegen en maken kamp tussen hoge bergen op een droog plateautje. Als het kan gaan we hier een kampvuur maken.

Dag 11 Einde van de trek en start van de reis naar het zuiden

We dalen af door een prachtig lariksbos. We komen nu weer in iets meer bewoond gebied. Op sommige plaatsen zie je dat de Mongolen op bescheiden schaal wat aan landbouw doen. Akkers zijn ingezaaid of worden geoogst, er zijn graanopslagplaatsen, schuren en hier en daar is een enkeling aan het werk. Na enkele uren afdalen en lopen langs de snelstromende rivier, komen we aan op de plek waar onze chauffeurs op ons wachten. We nemen afscheid van de paardenmannen die ons zo goed hebben geholpen op deze trek. Daarna rijden we via het stadje Ulaan Uul en beginnen de lange tocht naar het zuiden.

Dag 12 Rijden richting MŲrŲn en verder

We staan vroeg op en onze eerste bestemming is het stadje Mörön. De keukenploeg heeft hier minstens twee uur nodig om inkopen te doen voor de komende week en wij gaan hier op eigen gelegenheid lunchen en rondkijken. In Mörön is een lokale markt en het  is mogelijk om te bellen of te mailen vanuit het lokale postkantoor. Na de stop in dit stadje rijden we tot het donker begint te worden in de richting van de stadjes Shine-Ider en Jargalant. Er zijn voldoende mogelijkheden om te kamperen onderweg: waar precies laten we afhangen van de voortgang op deze dag.

Dag 13 Rijden naar het Great White Lake

Vandaag rijden we verder naar het zuiden. Bij Jargalant steken we de brede rivier over via een grote brug. Nadat we de Tariat-pas zijn overgestoken bereiken we het merengebied, de ‘Great White Lakes’ ten noorden van de Khangai Nuruu bergketen. De bergen zijn hier weer wat hoger en het landschap kleinschaliger. We logeren deze nacht in een eenvoudig gerkampement direct aan het azuurblauwe Therkhiin Tsagaanmeer. Aan het einde van deze dag – en anders de volgende ochtend - kan er  door degenen die dat willen gewandeld worden naar de Khorgo Krater, één van de kraters van de Horgo Vulkaan. We worden omgeven door interessante rotsformaties, die zijn ontstaan door lavastromen ongeveer 20.000 jaar geleden. De krater is 94 meter diep en 200 meter in doorsnee.

Dag 14 Rit naar Khangai Nuruu bergen

Na het ontbijt gaan we richting Khangai Nuruu. We rijden door Mongoolse steppenlandschappen met grazende kuddes, verspreid liggende gers en hier en daar een kleine nederzetting. We volgen een poosje de loop van de Chuluut rivier, die op sommige plaatsen een diepe canyon in het landschap heeft gesleten. Bij Ich-Tamir kruisen we de Khoid Tamir Gol, één van de vele rivieren in dit gebied. In principe maken we kamp aan de oevers van een flinke rivier, even voorbij het plaatsje Tsetserleg. De kans is groot dat we in de namiddag een bezoek kunnen brengen aan een van de gers, die hier gewoonlijk in de zomer dicht in de buurt staan. 

Dag 15 en 16 Tweedaagse trek door de Khangai Nuruu bergen

De busjes zetten ons af bij het startpunt van de tweedaagse trektocht door de Khangai Nuruu bergen, ongeveer 1,5 uur rijden vanaf het kamp bij de rivier. Dit sterk beboste middelgebergte rijst op boven de omliggende halfwoestijnen; de hoogste top is Suvarga Khayrkhan Uul (3179 m), die door Mongolen gezien wordt als een heilige berg en die op basis van lokale tradities alleen door mannen beklommen mag worden. In twee dagen tijd komen we dicht in de buurt van deze berg, maar zullen deze niet beklimmen. We stijgen enkele honderden meters voor we het hoogste punt van vandaag bereiken. Dan volgt een afdaling via een langgerekte vallei voordat we een heel mooie kampplaats bereiken vlakbij een warme bron, zoals die in dit gebied veel voorkomen. Nomaden uit de omgeving komen te paard of op de motor naar deze plek om kleding en zichzelf te wassen en het is een heerlijk relaxte plek om het Mongoolse leven aan je voorbij te zien trekken. De volgende dag lopen we via een lange route eerst naar een pas van ruim 2000 m hoogte. Van daaraf is het lekker afdalen, waarbij we een sterk meanderende riviertje volgen met rondom bergweiden met veelal volop bloeiende bloemen. De Suvarga Khayrkhan Uul top is op de achtergrond duidelijk herkenbaar. We maken kamp in een vlak gebied, waar verschillende rivieren bij elkaar komen. Dit is een mooie plek om een groot kampvuur te bouwen.

Dag 17 Bezoek aan de Tibetaans boeddhistische Tuvkhun tempel

Om vanaf het eindpunt van de trek het Tuvkhun tempelcomplex te kunnen bereiken, rijden we eerst ongeveer 100 km over redelijk begaanbare onverharde wegen en door een mooi afwisselend berglandschap. We maken onderweg een flinke wandeling van 3 – 4 uur langzaam stijgend omhoog naar de Tuvkhuntempel en weer terug. Het complex is één van de oudste boeddhistische kloosters van Mongolië. Het is gesticht in 1648 door de toen 14 jaar oude Zanazabar, de spirituele leider van het Tibetaans Boeddhisme in Mongolië. Het klooster is een paar keer behoorlijk beschadigd, o.a. in 1688 door een opstandige Mongoolse stam en tijdens de zuiveringen van Stalin in de jaren ‘30 van de vorige eeuw. Zanazabar, een begenadigd beeldhouwer, schilder en muzikant, gebruikte de plek in eerste instantie gedurende 30 jaar als zijn persoonlijk kluizenaars woning. In deze tijd heeft hij ook veel van zijn kunstwerken geschapen. De restoratie van Tuvkhun was in 1997 volledig voltooid en er zijn ceremonies gehouden om het opnieuw in te wijden. Op dit moment resideren er verscheidene monniken die het klooster fulltime openhouden. Na het bezoek aan deze heilige plaats rijden we door de Khangai Nuruu richting de Orkhon vallei, ongeveer 50 km verderop. Hier in de buurt maken we kamp of we overnachten in een ger en genieten van een mooie avond omringd door Mongoolse bergen.

Dag 18 Kharkhorin, Erdene Zuu en museum

Na het ontbijt rijden we in ongeveer drie uur naar de grote vlakte waarin Karakorum/Kharkorin was gesitueerd: de oude hoofdstad uit de 13e eeuw gebouwd door een zoon van Djenggis Khan. Er zijn nagenoeg geen overblijfselen van deze stad maar er is wel een groot en beroemd tempelcomplex: de Erdene Zuu. We nemen hier, na de lunch, ruim de tijd om de verschillende gebouwen en andere bezienswaardigheden, zoals de 108 stupa’s en het museum, te bekijken. Vandaar rijden we nog zo’n anderhalf uur in noordoostelijke richting en maken kamp in de Khogno Khan Mountains.

Dag 19 Door naar Khustayn National Park

We rijden nog zo’n 200 km overwegend in oostelijke richting op weg naar Khustai National Park. Onderweg passeren we een keten van semi-zandduinen ter lengte van zo’n 70 kilometer. In dit gebied maken we een stop voor een lunch plus korte wandeling. Deze nacht verblijven we in een gerkampement in Khustayn National Park.

Dag 20 Lange wandeling in het Khustayn National Park

Dit park is vooral bekend vanwege de Takhi, de wilde paarden die in de jaren zestig van de vorige eeuw uitgestorven bleken te zijn. Deze dieren worden ook wel Prezwalski-paarden genoemd, naar de beroemde  Poolse natuurvorser, die het bestaan van deze soort in 1878 voor het eerst wereldkundig maakte. Via fokprogramma’s met takhi’s uit dierentuinen buiten Mongolië is het gelukt een gezonde populatie te kweken en in het wild uit te zetten. Ook Nederlandse dierentuinen hebben  bij de herintroductie een belangrijke rol gespeeld. We zullen deze prachtige beesten met name rond zonsop- en ondergang zeker te zien krijgen. Daarnaast is er ander wild te zien, zoals de maral (Aziatische reeënsoort), steppegazelles en met het nodige geluk ook een lynx of een wolf. We maken deze dag een lange tocht van 6 – 7 uur en eindigen bij de Tuulrivier, waar we kamperen.

Dag 21 Terug naar Ulaan Baatar

Binnen enkele uren rijden zijn we terug in de hoofdstad, waar we de rest van de dag op eigen gelegenheid kunnen doorbrengen. 

Dag 22 Terugvlucht naar Amsterdam

Bookmark and Share
WANDELVAKANTIES, TREKTOCHTEN EN EXPEDITIES
HT Wandelreizen | Ten Have 13 | 7983 KD Wapse | tel. 0522-241146 | email: info@htwandelreizen.nl

Website door Zaphyrion SitemapPrivacyverklaring
htwandelreizen.nl maakt gebruik van cookies. Met cookies wordt de website persoonlijker en gebruiksvriendelijker.Akkoord